S'rî
S'uka zei: 'Toen, met het aanbreken van de dag, werden de
kraaiende hanen verwenst door de vrouwen van de Lieve Heer die,
bij hun hoofden vastgehouden door hun echtgenoten [de Ene
Yogamâyâ Heer in Velen], verstoord waren over
[de onvermijdelijke] scheiding.
S'rî
S'uka zei: 'Toen, met het aanbreken van de dag, werden de
kraaiende hanen verwenst door de vrouwen van de Lieve Heer
die, bij hun hoofden vastgehouden door hun echtgenoten
[de Ene Yogamâyâ Heer in Velen],
verstoord waren over [de onvermijdelijke] scheiding.
(Vedabase)
Tekst
2
Vogels
ontwakend uit hun slaap door de bries van de
parijâta-bomen met hun bijen, wekten Krishna met hun
luidruchtig zingen als waren ze de dichters aan het
hof.
Vogels
ontwakend uit hun slaap door de bries van de
parijâta-bomen met hun bijen, wekten Krishna
luidruchtig zingend als waren ze de dichters aan het hof.
(Vedabase)
Tekst
3
Maar
Vaidarbhî [Rukminî] hield niet van die zo
gunstige tijd van de dag omdat die haar de armen van Krishna om
haar heen zou ontzeggen.
Maar
Vaidarbhî [Rukminî] hield niet van die
zo gunstige tijd van de dag omdat die haar de armen van
Krishna om haar heen zou ontzeggen.
(Vedabase)
Tekst
4-5
Opstaand
tijdens de brahma-muhûrta [het uur voor
zonsopgang] beroerde Mâdhava water en maakte Hij Zijn
geest vrij om te mediteren op het ongeëvenaarde, enige,
zelfverlichtende Zelf voorbij alle traagheid der materie. Dat
Ware Zelf verdrijft, onfeilbaar als het is, overeenkomstig zijn
[Zijn] eigen aard onophoudelijk de onzuiverheid en
geeft aanleiding tot de vreugde van het bestaan. Men kent het
als het Brahman dat met zijn [Zijn] energieën de
oorzaak vormt van schepping en vernietiging in dit universum
[zie ook 3.29:
31 &
36-37,
B.G. 7:
5 & 6 en
*].
Opstaand
tijdens de brahma-muhûrta [het uur voor
zonsopgang] beroerde Mâdhava water en maakte Hij
Zijn geest vrij, mediterend op het ongeëvenaarde,
enige, zelfverlichtende Zelf voorbij alle traagheid der
materie dat, onfeilbaar naar zijn [Zijn] eigen aard
onophoudelijk de onzuiverheid verdrijft en, gekend als
Brahman in de oorzaken van zijn [Zijn] eigen
energieën van schepping en vernietiging hierin [in
dit universum], de vreugde van het bestaan manifesteert
[zie ook 3.29: 31 & 36-37, B.G. 7: 5 & 6 en
*]. (Vedabase)
Tekst
6
Nadat Hij
overeenkomstig de vidhi een bad had genomen in zuiver
water, volbracht Hij, de Meest Waarachtige, na Zich eerst in
boven- en onderkleding te hebben gestoken, de gehele routine
van het eerbetoon bij het ochtendgloren en chantte Hij, nadat
Hij uitgietingen had gedaan in het vuur, rustig Zijn spraak
beheersend de vedische mantra [de Gâyatrî,
zie ook **].
Toen,
overeenkomstig de vidhi een bad genomen hebbend in zuiver
water, volbracht Hij, de Meest Waarachtige, na Zich eerst in
boven- en onderkleding te hebben gestoken, de gehele reeks
van het eerbetoon bij het ochtendgloren en dergelijke en
chantte Hij, volgende op uitgietingen in het vuur, rustig
Zijn spraak beheersend de vedische mantra [de
Gâyatrî, zie ook **].
(Vedabase)
Tekst
7-9
Consequent naar
Zijn eigen aard stemde Hij met eerbetoon voor de opkomende zon
Zijn eigen expansies gunstig: met het verschuldigde respect
voor de goden, de wijzen en de voorvaderen, alsmede voor de
senioren en de geleerden, schonk Hij dag na dag vele, vele
gehoorzame koeien weg met goud op hun horens, zilver voorop hun
hoeven en paarlen halssnoeren om, die rijk aan melk waren en
maar één kalf ter wereld hadden gebracht. Zij,
fraai opgetuigd werden aan de geschoolden aangeboden samen met
linnen, hertenvellen, sesamzaad en sieraden [zie ook
***].
Consequent
naar Zijn eigen aard in aanbidding van de opkomende zon Zijn
eigen expansies gunstig stemmend - de goden, de wijzen en de
voorvaderen, Zijn senioren en mannen van geleerdheid het
verschuldigde respect tonend - schonk Hij dag na dag vele,
vele gezeglijke koeien met goud op hun horens, zilver voorop
hun hoeven en paarlen halssnoeren, die rijk aan melk waren
en maar één kalf ter wereld hadden gebracht.
Zij, fraai opgetuigd werden aan de geschoolden gepresenteerd
met linnen, hertenvellen, sesamzaad en sierselen [zie
ook ***].
(Vedabase)
Tekst
10
Met het tonen
van respect voor de koeien, de mannen van scholing, de
goddelijken, de ouderen, de geestelijk leraren en alle levende
wezens die enkel maar expansies van Hemzelf waren, beroerde Hij
[darshan verlenend, alle personen en]
goedgunstige dingen.
Met
het de koeien, de mannen van scholing, de goddelijken, de
ouderen, de geestelijk leraren en alle levende wezens die
enkel maar expansies van Hemzelf waren Zijn respect tonend,
beroerde Hij [darshan verlenend, alle personen en]
goedgunstige dingen. (Vedabase)
Tekst
11
Hij, het
sieraad van de samenleving Zelve, kleedde Zich aan met de
kleren, de goddelijke bloemenslingers, de kleuren en de juwelen
die bij Hem pasten.
Hij,
het sierraad van de samenleving Zelve, kleedde Zich aan met
de kleren, de goddelijke bloemenslingers, de kleuren en de
juwelen die bij Hem pasten. (Vedabase)
Tekst
12
Met het zowel
zorgdragen voor de ghee [gebruikt in de offers] als
voor de spiegel bekommerde Hij zich om de koeien, de stieren,
de tweemaal geborenen, de goden en de voorwerpen van begeerte,
met het voorzien in giften naar de voldoening van alle
maatschappelijke groeperingen die in de stad en het paleis
leefden en begroette Hij Zijn ministers ten volle al hun noden
lenigend.
Met
het zowel zorgdragen voor de ghee [gebruikt in de
offers] als voor de spiegel bekommerde Hij zich om de
koeien, de stieren, de tweemaal geborenen, de goden en de
voorwerpen van begeerte, met het voorzien in giften naar de
voldoening van alle maatschappelijke groeperingen levend in
de stad en het paleis en begroette Hij Zijn ministers ten
volle al hun noden lenigend. (Vedabase)
Tekst
13
Allereerst
bloemenslingers, betelnoot en sandelhoutpasta verdelend onder
de geschoolden, [en dan] onder Zijn vrienden, Zijn
ministers en Zijn vrouwen, was Hij gewoon vervolgens Zelf Zijn
deel te nemen.
Allereerst
bloemenslingers, betelnoot en sandelhoutpasta verdelend
onder de geschoolden, [en dan] onder Zijn vrienden,
Zijn ministers en Zijn vrouwen, was Hij gewoon vervolgens
Zelf Zijn deel te nemen. (Vedabase)
Tekst
14
Zijn menner,
die tegen die tijd Zijn allerprachtigste strijdwagen had
gebracht met ingespannen de paarden Sugrîva enzovoorts
[zie 10.53:
5], stond
gebogen klaar voor Hem.
Zijn
menner, die tegen die tijd Zijn allerprachtigste strijdwagen
had gebracht met ingespannen de paarden Sugrîva en zo
voorts [zie 10.53: 5], stond gebogen klaar voor Hem.
(Vedabase)
Tekst
15
De wagenmenner
zijn handen beethoudend klom Hij toen vergezeld door
Sâtyaki en Uddhava naar binnen als was Hij de zon
opkomend boven de heuvels in het oosten.
De
wagenmenner zijn handen beethoudend klom Hij toen vergezeld
door Sâtyaki en Uddhava naar binnen als was Hij de zon
opkomend boven de heuvels in het
oosten.
(Vedabase)
Tekst
16
Met moeite Zich
losmakend van de vrouwen in het paleis die Hem aankeken met
verlegen en liefdevolle blikken, vertrok Hij, een glimlach
prijsgevend die hun geesten vervoerde.
Met
moeite Zich losmakend van de vrouwen in het paleis die Hem
aankeken met blikken verlegen en liefdevol, vertrok Hij, een
glimlach prijsgevend die hun geesten vervoerde.
(Vedabase)
Tekst
17
Opgewacht door
al de Vrishni's betrad hij de zaal bekend als Sudharmâ
[zie ook 10.50:
54] die
voor hen die er binnengingen de zes golven afweert, mijn beste
[zie shath-ûrmi].
Opgewacht
door al de Vrishni's betrad hij de zaal bekend als
Sudharmâ [zie ook 10.50: 54] die voor hen die
er binnengingen de zes golven afweert, mijn beste [zie
shath-ûrmi]. (Vedabase)
Tekst
18
De Almachtige,
de Beste van de Yadu's, aldaar hoog op Zijn troon gezeten
temidden van de Yadu's, de leeuwen onder de mannen, verlichtte
alle richtingen met Zijn gloed die straalde als de maan aan de
hemel omringd door de sterren.
De
Almachtige, de Beste van de Yadu's, aldaar hoog op Zijn
troon gezeten temidden van de Yadu's, de leeuwen onder de
mannen, verlichtte alle richtingen in Zijn gloed stralend
als de maan aan de hemel omringd door de sterren.
(Vedabase)
Tekst
19
Daar waren de
hofnarren, o Koning, die de Almachtige met verschillende vormen
van amusement van dienst waren, zoals ook op hun beurt de
beroepsentertainers [zoals de goochelaars] en de
vrouwen die energiek dansten dat deden.
Daar
waren de hofnarren, o Koning, de Almachtige met
verschillende vormen van amusement van dienst, zoals ook op
hun beurt de beroeps entertainers [zoals de
goochelaars] en de vrouwen die energiek dansten dat
deden. (Vedabase)
Tekst
20
Zij dansten op
de geluiden van vînâ's, mridanga's en
muraja-trommels, fluiten, cymbalen en schelphoorns, terwijl
de hofzangers, verhalenvertellers en lofprijzers zongen en de
loftrompet staken.
Zij
dansten op de geluiden van vînâ's, mridanga's en
muraja-trommels, fluiten, cymbalen en schelphoorns, terwijl
de hofzangers, verhalenvertellers en lofprijzers zongen en
de loftrompet staken.
(Vedabase)
Tekst
21
Daar
reciteerden brahmanen neergezeten doorlopend vedische mantra's
terwijl anderen verhalen vertelden over koningen uit het
verleden die beroemd waren om hun vroomheid.
Daar
spraken brahmanen neergezeten vloeiend vedische mantra's uit
terwijl anderen verhalen ophaalden van koningen uit het
verleden die beroemd waren om hun
vroomheid.
(Vedabase)
Tekst
22
Op een dag werd
de aankomst gemeld van een persoon, o Koning, die via de
wachters bij de deur toegang verkreeg tot de Fortuinlijke, maar
daar nog nooit eerder gezien was.
Op
een dag werd de aankomst gemeld van een persoon, o Koning,
die, door de wachters bij de deur de toegang verleend tot de
Fortuinlijke, nog nooit eerder daar gezien was.
(Vedabase)
Tekst
23
Na zijn
eerbetoon met samengebrachte handpalmen voor Krishna, de
Allerhoogste Heerlijkheid, legde hij Hem het lijden voor van de
koningen die gevangen gehouden werden door Jarâsandha.
Na
zijn eerbetoon met samengebrachte handpalmen voor Krishna,
de Allerhoogste Heerlijkheid, legde hij het lijden voor van
de koningen gevangen gehouden door Jarâsandha.
(Vedabase)
Tekst
24
Gedurende een
campagne van hem in alle windrichtingen waren al die koningen
die hem niet in volmaakte onderwerping van dienst waren - zo'n
twintigduizend van hen - met geweld vastgezet in de vesting
Girivraja.
Gedurende
een campagne van hem in alle windrichtingen waren al die
koningen die hem niet in volmaakte onderwerping van dienst
waren - zo'n twintigduizend van hen - met geweld vastgezet
in de vesting Girivraja. (Vedabase)
Tekst
25
De koningen
brachten over: 'Krishna, o Krishna, o onmetelijke Ziel, o U die
de angst wegneemt van de overgegevenen; zo uiteenlopend van
mentaliteit als we zijn, komen we, het moeilijk hebbend in ons
materiële bestaan, naar U voor onze
toevlucht!
De
koningen brachten over: 'Krishna, o Krishna, o onmetelijke
Ziel, o U die de angst wegneemt van de overgegevenen; zo
uiteenlopend van mentaliteit komen we, bevreesd in ons
materiële bestaan, naar U voor onze toevlucht!
(Vedabase)
Tekst
26
De hele wereld
neigend tot het verkeerde handelen is verbijsterd over de
plichten alhier die ten gunste werken in de aanbidding van U
naar Uw woord die, in zoverre men het eigene daarin doet, de
macht van het bestaan vormt door van dienst te zijn met
langlevendheid en hoop; mogen er de eerbetuigingen zijn voor
Hem, de Altijd Waakzame ['die niet aflaat met de Tijd']
die plotseling weer een einde maakt aan dit alles [ten
tijde van het stervensuur].
De
hele wereld neigend tot het verkeerde handelen is
verbijsterd over de plichten alhier die ten gunste werken in
de aanbidding van U naar Uw woord, die, in zoverre men het
eigene daarin doet, de macht van het bestaan vormen dienend
met langlevendheid en hoop; mogen er de eerbetuigingen zijn
voor Hem, de Altijd Waakzame ['die niet aflaat met de
Tijd'] die zomaar opeens dit alles afkapt [ten tijde
van het stervensuur]. (Vedabase)
Tekst
27
U, de heersende
autoriteit van dit universum, bent nedergedaald met Uw expansie
[Balarâma] om hen die zich heiligden te
beschermen en de slechten te onderwerpen; we begrijpen niet, o
Heer, hoe iemand anders die in overtreding verkeert met Uw wet
[zoals Jarâsandha] of anders op gezag van zijn
eigen creativiteit [zoals wij] ooit zoiets zou kunnen
bereiken.
U,
de overwegende autoriteit van dit universum, bent
nedergedaald met Uw expansie [Balarâma] om de
geheiligden te beschermen en de slechten te onderwerpen; we
begrijpen niet, o Heer, hoe ook maar iemand anders in
overtreding met Uw wet [zoals Jarâsandha] of
anders op gezag van zijn eigen creativiteit [zoals
wij] dat zou kunnen bereiken.
(Vedabase)
Tekst
28
Het
voorwaardelijke geluk van koningen, o Heer, is als een droom,
omdat ze altijd vervuld van angst zijn met de last van dit
sterfelijke lichaam; met het afwijzen van dat geluk van de ziel
dat wordt verworven door onzelfzuchtige dienstverlening aan U,
hebben wij, met Uw verstandsverbijsterende werkelijkheid van
mâyâ alhier, te lijden onder de grootste
ellende.
Het
voorwaardelijke geluk van koningen, o Heer, is als een
droom, altijd vol van angst zijnde met de last van dit
sterfelijke lichaam; met het afwijzen van dat geluk van de
ziel dat wordt verworven door onzelfzuchtige dienstverlening
aan U, hebben wij, met Uw verstandsverbijsterende
werkelijkheid van mâyâ alhier, te lijden onder
de grootste ellende. (Vedabase)
Tekst
29
Derhalve, o
Goedheid wiens voetenpaar het leed verdrijven, verlos
alstUblieft ons, de overgegevenen, die in de boeien van het
karma werden geslagen door hem die de naam van Maghada voert en
die, gelijk de koning der dieren met de schapen, in zijn eentje
het gezag uitoefenend van een tienduizendtal kwaaie olifanten
ons in zijn woonstede gevangen heeft gezet.
Derhalve,
o Goedheid wiens voetenpaar het leed verdrijven, verlos
alstUblieft ons, de overgegevenen, die in de boeien van het
karma werden geslagen door hem die de naam van Maghada voert
die, gelijk de koning der dieren met de schapen, in zijn
eentje het gezag uitoefenend van een tienduizendtal kwaaie
olifanten ons in zijn woonstede gevangen heeft gezet.
(Vedabase)
Tekst
30
Achttien maal
Uw cakra geheven en hem verpletterd hebbend versloeg hij
één enkele keer in de slag U, die vol van
vertrouwen in Uw onbegrensde macht in beslag werd genomen door
menselijke aangelegenheden [zie 10.50:
41 &
10.52:
7]; en nu,
vol van trots, kwelt hij ons, uw onderdanen, o
Onoverwinnelijke; alstUblieft zet dat recht!'
Achttien
maal Uw cakra geheven en hem verpletterd hebbend versloeg
Hij U, die zeker in Uw onbegrensde macht in beslag werd
genomen door menselijke aangelegenheden, één
enkele keer in de slag [zie 10.50: 41 & 10.52:
7]; en nu, vol van trots, kwelt hij ons, Uw onderdanen,
o Onoverwinnelijke; alstUblieft zet dat recht!'
(Vedabase)
Tekst
31
De boodschapper
zei: 'Aldus smachten degenen die gevangen gehouden worden door
Jarâsandha, in hun overgave aan de basis van Uw voeten,
ernaar de aanblik van U te mogen genieten; alstUblieft laat
deze arme zielen delen in Uw welvaart!'
De
boodschapper zei: 'Aldus smachten degenen gevangen gehouden
door Jarâsandha, overgegeven aan de basis van Uw
voeten, ernaar de aanblik van U te mogen genieten;
alstUblieft laat deze arme zielen delen in Uw welvaart!'
(Vedabase)
Tekst
32
S'rî
S'uka zei: 'Toen de boodschapper van de koningen zich aldus had
uitgedrukt, verscheen de allerhoogste rishi
[Nârada] ten tonele die met zijn geelgekleurde,
samengeklitte lokken een gloed had gelijk die van de zon.
S'rî
S'uka zei: 'Toen de boodschapper van de koningen zich aldus
had uitgedrukt, verscheen de allerhoogste rishi
[Nârada] ten tonele die met zijn
geelgekleurde, samengeklitte lokken een gloed had gelijk die
van de zon. (Vedabase)
Tekst
33
Hem ziend
bracht de Allerhoogste Heer Krishna, de Allerhoogste Heerser
van de heersers aller werelden, met Zijn hoofd Zijn
eerbetuigingen, waarbij Hij verheugd samen met Zijn volgelingen
en de leden van de vergadering opstond .
Hem
ziend bracht de Allerhoogste Heer Krishna, de Allerhoogste
Beheerser van de Beheersers van Alle werelden, met Zijn
hoofd Zijn eerbetuigingen, verheugd opstaand tezamen met
Zijn volgelingen en de leden van de vergadering.
(Vedabase)
Tekst
34
Na met zijn
aanvaarden van een zitplaats met hem van eerbetoon te zijn
geweest overeenkomstig de regels, sprak Hij met waarachtige,
aangename woorden van respect naar de tevredenheid van de
wijze:
Na
met zijn aanvaarden van een zitplaats met hem van eerbetoon
te zijn geweest overeenkomstig de regels, sprak Hij met
waarachtige, aangename woorden van respect naar de
tevredenheid van de wijze:
(Vedabase)
Tekst
35
'Het is een
feit dat vandaag de drie werelden volledig zijn bevrijd van
alle angst, want dat is nu de kwaliteit van de grote en
fortuinlijke [die u bent] rondreizend door de
werelden.
'Het
is een feit dat vandaag de drie werelden volledig zijn
bevrijd van alle angst, want dat is nu de kwaliteit van de
grote en fortuinlijke [die u bent] rondreizend door
de werelden. (Vedabase)
Tekst
36
Met de drie
werelden zoals die zijn opgezet door hun Beheerser, is er
waarlijk niets dat u niet bekend is en laat ons om die reden
dan van u vernemen wat de plannen van de Pândava's
zijn.'
Er
is voorwaar, met de drie werelden zoals ingesteld door hun
Beheerser, niets dat u niet bekend is en dus, om die reden,
laten we dan van u vernemen wat de plannen van de
Pândava's zijn.'
(Vedabase)
Tekst
37
S'rî
Nârada zei: 'Ik was getuige van de vele vormen van Uw
ondoorgrondelijke mâyâ, o Almachtige, o U
die [zelfs] de Schepper van het Universum begoochelt
[zie
10.14];
bij mij wekt het geen verbazing, o Allesomvattende Ene, dat U
door Uw eigen energieën verhuld zich beweegt onder de
geschapen wezens als een vuur waarvan het licht afgedekt
is.
S'rî
Nârada zei: 'Vele keren was ik getuige van Uw
onoverkomelijke mâyâ, o Almachtige, o U die
[zelfs] de Schepper van het Universum Begoochelt
[zie 10.14]; bij mij wekt het geen verbazing, o
Allesomvattende Ene, dat U door Uw eigen energieën zich
beweegt onder de geschapen wezens als een vuur waarvan het
licht afgedekt is. (Vedabase)
Tekst
38
Wie is er toe
in staat zich een juist begrip te vormen van Uw bedoeling, van
U die met Uw materiële energie alles tot stand brengt en
dit universum ook weer opheft dat zich [voor de levende
wezens] manifesteert om in relatie te kunnen staan tot U;
alle eer aan U die ondoorgrondelijk van aard
bent.
Wie
is er toe in staat naar behoren de bedoeling te doorgronden
van U die middels Zijn eigen energie schept en dit universum
weer terugtrekt dat zich manifesteert [voor zijn
wezens] om te bestaan in relatie tot U; eerbetuigingen
aan Hem, aan U ondoorgrondelijk in Uw wezensaard.
(Vedabase)
Tekst
39
Hij die voor de
individuele ziel in samsâra,
die geen bevrijding weet uit de problemen die het
materiële lichaam met zich meebrengt, met Zijn
avatâra's voor Zijn spel en vermaak Zijn eigen
toorts van roem ontsteekt; U, die Heer, benader ik voor mijn
toevlucht.
Hij
die voor de individuele ziel in samsara, die geen bevrijding
weet uit de problemen meegebracht door het materiële
lichaam, met Zijn avatâra's voor Zijn spel en vermaak
Zijn eigen toorts van roem ontsteekt; U, die Heer, benader
Ik voor mijn toevlucht. (Vedabase)
Tekst
40
Niettemin zal
ik U, o Hoogste Waarheid die de Menselijke Gang van Zaken
Imiteert, vertellen wat Uw toegewijde de koning
[Yudhishthhira], de zoon van Uw vaders zuster, zich
heeft voorgenomen.
Niettemin
zal ik U, o Hoogste Waarheid die de Menselijke Gang van
Zaken Imiteert, vertellen wat Uw toegewijde de koning
[Yudhishthhira], de zoon van Uw vaders zuster, zich
heeft voorgenomen.
(Vedabase)
Tekst
41
De koning, de
zoon van Pându, de toppositie verlangend wil te
Uwentwille de grootste offerplechtigheid houden die bekend
staat als Râjasûya,
alstUblieft geef dat Uw zegen.
De
koning, de zoon van Pându, de toppositie verlangend
wil te Uwent wille de grootste offerplechtigheid die bekend
staat als Râjasûya, alstUblieft geef dat Uw
zegen. (Vedabase)
Tekst
42
O Heer op die
beste van alle offerplechtigheden zullen alle verlichte en
aanverwante zielen alsook de koningen van zege en glorie
afkomen, met het verlangen U daar te
aanschouwen.
O
Heer naar die beste van alle offerplechtigheden zullen alle
verlichte zielen en soortgelijk als ook de koningen van zege
en glorie toekomen, ernaar uitziend U daar te
aanschouwen.
(Vedabase)
Tekst
43
Als van het
luisteren naar, bezingen van en mediteren op U, het Volle van
het Absolute, zelfs degenen aan de onderkant van de samenleving
zuivering vinden, wat valt er dan niet te verwachten voor hen
die U zien en U aanraken?
Als
van het luisteren naar, bezingen van en mediteren op U, het
Volle van het Absolute, degenen die buiten de boot zijn
gevallen zuivering vinden, wat moet men dan zeggen van hen
die U zien en U aanraken?
(Vedabase)
Tekst
44
De
onberispelijke faam van U die zich verspreid [als een
overkapping] in alle richtingen wordt verkondigd in de
hemel, in de lagere regionen en op aarde, o Brenger van Al het
Geluk voor Al de Werelden. In de vorm van het water dat van Uw
voeten spoelt en zo het hele universum zuivert wordt die genade
de Mandâkinî genoemd in het goddelijke bereik, de
Bhogavatî in de lagere leefwerelden en de Ganges hier op
aarde.'
De
smetteloze roem van U zich uitbreidend [als een
overkapping] in alle richtingen wordt verkondigd in de
hemel, in de lagere regionen en op aarde, o Brenger van Al
het Geluk voor Al de Werelden, en wordt
Mandâkinî genoemd met het goddelijke,
Bhogavatî in het lagere en Ganga hier op aarde - het
is het water van Uw voeten dat het gehele universum
zuivert.'
(Vedabase)
Tekst
45
S'rî
S'uka zei: 'Toen Zijn eigen aanhangers [de
Yâdu's] er niet mee instemden omdat ze de overwinning
[op Jarâsandha] verlangden sprak Kes'ava
glimlachend tot Zijn dienaar Uddhava met een bekoorlijke
woordkeuze.
S'rî
S'uka zei: 'Toen Zijn eigen aanhangers [de
Yâdu's] er niet mee instemden omdat ze de
overwinning [op Jarâsandha] verlangden sprak
Kes'ava glimlachend tot Zijn dienaar Uddhava met een
bekoorlijke woordkeuze.
(Vedabase)
Tekst
46
De Fortuinlijke
zei: 'Jij inderdaad als Onze oogappel en welgezinde vriend weet
om die reden volmaakt welke uitdrukking van nut zou zijn in dit
opzicht, zeg alsjeblieft wat er moet worden gedaan, We stellen
volkomen vertrouwen in je en zullen dat ten uitvoer
brengen.'
De
Fortuinlijke zei: 'Jij inderdaad als Onze oogappel en
welgezinde vriend weet om die reden volmaakt welke
uitdrukking van nut zou zijn in dit opzicht, zeg alsjeblieft
wat er moet worden gedaan, We stellen er volkomen vertrouwen
in en zullen dat ten uitvoer
brengen.'
(Vedabase)
Tekst
47
Aldus ertoe
verzocht door zijn Behouder die deed alsof Hij, de Alwetende,
het niet meer wist, gaf Uddhava, die nederig de opdracht op
zijn hoofd aanvaarde, een
antwoord.'
Aldus
verzocht door zijn Behoeder die, alwetend, Zich gedroeg
alsof Hij het niet meer wist, gaf Uddhava, die opdracht op
zijn hoofd aanvaardend, een
antwoord.'
(Vedabase)
Voetnoten:
*
Wat
betreft de aangelegenheid van het Brahman in relatie tot de
persoon van Krishna voegt de paramparâ toe:
'Iemand die de gunst geniet van de Heer Zijn inwendige vermogen
kan de aard doorgronden van de Absolute Waarheid [of het
Brahman]; dit begrip wordt het Krishna bewustzijn
genoemd'.
**
Volgens S'rîdhara Svâmî zou Heer Krishna met
het in dezen voor zonsopgang eerst brengen van offers en het
dan pas doen van de mantra navolgen in de erfopvolging van
Kanva Muni [vermeld in 9.20].
***
Met de bevestiging in het M.W. woordenboek van de term
badva hier gebruikt in de zin van 'een groot aantal'
haalt S'rîdhara Svâmî verschillende vedische
geschriften aan om aan te tonen dat in de context van het
vedisch ritueel, een badva hier betrekking heeft op
13.084 koeien en geeft hij er verder bewijs van dat het
de gebruikelijke praktijk van grote geheiligde koningen in
voorgaande tijdperken was om 107 van zulke badva, of
groepen van 13.084 koeien weg te schenken. Aldus kan het
totaal aantal koeien weggegeven in dit offer, bekend als
Mañcâra, hebben opgelopen tot 14 lakhs, ofwel
1.400.000.