S'rî
S'uka zei: 'De Allerhoogste Heer ermee instemmend [met wat
Cânûra had gezegd] stelde zich toen op
tegenover Cânûra en zo deed dat ook de zoon van
Rohinî tegenover Mushthika.
S'ukadeva
Gosvâmî said: Thus addressed, Lord Krishna made
up His mind to accept the challenge. He paired off with
Cânûra, and Lord Balarâma with Mushthika.
(Vedabase)
Tekst
2
Hun
handen met hun handen beetgrijpend en hun benen met hun benen
blokkerend, duwden en trokken ze elkaar uit alle macht om de
overwinning te behalen.
Seizing
each other's hands and locking legs with each other, the
opponents struggled powerfully, eager for victory.
(Vedabase)
Tekst
3
Met
hun ellebogen tegen hun ellebogen, brachten ze, knie tegen
knie, hoofd tegen hoofd en borst tegen borst elkaar hun slagen
toe.
They
each struck fists against fists, knees against knees, head
against head and chest against chest. (Vedabase)
Tekst
4
Ronddraaiend,
schuivend, plettend en neersmijtend, loslatend, naar voren en
naar achteren rennend, boden ze elkaar
weerstand.
Each
fighter contended with his opponent by dragging him about in
circles, shoving and crushing him, throwing him down and
running before and behind him. (Vedabase)
Tekst
5:
Optillend
en dragend, wegduwend en elkaar vasthoudend streefden ze,
zichzelf pijn bezorgend, naar de
overwinning.
Forcefully
lifting and carrying each other, pushing each other away and
holding each other down, the fighters hurt even their own
bodies in their great eagerness for victory.
(Vedabase)
Tekst
6:
In
verlegenheid over dat gevecht tussen de zwakken en de sterken
kwamen, om het met elkaar te bespreken, al de vrouwen in
groepen bijeen o Koning:
My
dear King, all the women present, considering the match an
unfair fight between the strong and the weak, felt extreme
anxiety due to compassion. They assembled in groups around
the arena and spoke to one another as follows.
(Vedabase)
Tekst
7:
'Helaas,
hoe enorm dit gebrek aan verantwoordelijkheid van de kant van
deze mensen, hier aanwezig in de bijeenkomst van de koning, die
eropuit zijn met de koning mee te doen in het gadeslaan van een
wedstrijd tussen de sterken en de
zwakken.
[The
women said:] Alas, what a greatly irreligious act the
members of this royal assembly are committing! As the King
watches this fight between the strong and the weak, they
also want to see it. (Vedabase)
Tekst
8:
Aan
de ene kant is er de verschijning van deze twee bergen van
meesterworstelaars, allebei met ledematen zo sterk als de
bliksem, en aan de andere kant zijn er die tengere ledematen
van die twee jongeren die de volwassenheid nog niet bereikt
hebben!
What
comparison can there be between these two professional
wrestlers, with limbs as strong as lightning bolts and
bodies resembling mighty mountains, and these two young,
immature boys with exceedingly tender limbs?
(Vedabase)
Tekst
9:
Het is
duidelijk dat dit gezelschap tot een breuk met het dharma is
gekomen. En daar waar het onrecht ten top steeg, behoort men
zich geen moment langer op te houden!
Religious
principles have certainly been violated in this assembly.
One should not remain for even a moment in a place where
irreligion is flourishing. (Vedabase)
Tekst
10:
Een wijs mens
behoort niet een bijeenkomst bij te wonen waar de deelnemers
eropuit zijn zich onbetamelijk te gedragen, omdat men dan
stilzwijgend instemmend en onder voorwendselen uitgaande van
verkeerde dingen in zonde vervalt.
A
wise person should not enter an assembly if he knows the
participants there are committing acts of impropriety. And
if, having entered such an assembly, he fails to speak the
truth, speaks falsely or pleads ignorance, he will certainly
incur sin. (Vedabase)
Tekst
11:
Kijk nou eens
hoe Krishna's lotusgelijke gezicht door het rondspringen om
Zijn tegenstander heen zo nat is van de inspanning als de
werveling van een lotusbloem is van druppeltjes
water.
Just
see the lotus face of Krishna as He darts around His foe!
That face, covered with drops of perspiration brought on by
the strenuous fight, resembles a lotus covered with dew.
(Vedabase)
Tekst
12:
Zien jullie dan
niet hoe Râma's gezicht met ogen van koper in de woede
met Mushthika zelfs nog mooier is, met zoals Hij lacht in Zijn
concentratie?
Don't
you see the face of Lord Balarâma, with its eyes
copper-red from His anger toward Mushthika and its beauty
enhanced by His laughter and His absorption in the fight?
(Vedabase)
Tekst
13:
Hoe
verdienstelijk is de landstreek van Vraja waar de
voorwereldlijke Oorspronkelijke Persoonlijkheid in deze
vermomming van menselijke trekken, met een prachtige combinatie
van woudbloemen, in het gezelschap van Balarâma, Zijn
fluit laten horend en Zich bewegend in allerlei avonturen, de
koeien aan het hoeden was, terwijl Zijn voeten worden aanbeden
door de heer op de berg [S'iva] en de godin van het
geluk.
How
pious are the tracts of land in Vraja, for there the
primeval Personality of Godhead, disguising Himself with
human traits, wanders about, enacting His many pastimes!
Adorned with wonderfully variegated forest garlands, He
whose feet are worshiped by Lord S'iva and goddess
Ramâ vibrates His flute as He tends the cows in the
company of Balarâma. (Vedabase)
Tekst
14:
Van
wat voor boetedoening zijn de gopî's wel niet
geweest dat ze met hun ogen de gedaante mochten indrinken van
een dergelijke essentie van ongeëvenaarde, ongekende
lieflijkheid die volmaakt is in zichzelf en immer nieuw en
moeilijk te bereiken is als de enige toevlucht van roem,
schoonheid en weelde?
What
austerities must the gopîs have performed! With their
eyes they always drink the nectar of Lord Krishna's form,
which is the essence of loveliness and is not to be equaled
or surpassed. That loveliness is the only abode of beauty,
fame and opulence. It is self-perfect, ever fresh and
extremely rare. (Vedabase)
Tekst
15
Zij, de
fortuinlijke dames van Vraja, met hun melken, dorsen, karnen,
versmeren [van de mest], schommelen op schommels, met
huilende baby's, besprenkelen en reinigen enzovoorts, zingen
verzot in hun denken en verstikt van de tranen over Hem en
hebben, door hun bewustzijn van Urukrama,
alles wat ze zich maar konden wensen.
The
ladies of Vraja are the most fortunate of women because,
with their minds fully attached to Krishna and their throats
always choked up with tears, they constantly sing about Him
while milking the cows, winnowing grain, churning butter,
gathering cow dung for fuel, riding on swings, taking care
of their crying babies, sprinkling the ground with water,
cleaning their houses, and so on. By their exalted Krishna
consciousness they automatically acquire all desirable
things. (Vedabase)
Tekst
16
Als
ze Hem de fluit horen bespelen als Hij tezamen met de koeien
vroeg in de ochtend vertrekt en laat in de avond naar Vraja
terugkeert, haasten de vrouwen zich naar buiten op straat om in
de grootste trouw het glimlachende, genadige gezicht en Zijn
blikken te zien.'
When
the gopîs hear Krishna playing His flute as He leaves
Vraja in the morning with His cows or returns with them at
sunset, the young girls quickly come out of their houses to
see Him. They must have performed many pious activities to
be able to see Him as He walks on the road, His smiling face
mercifully glancing upon them. (Vedabase)
Tekst
17
Terwijl ze zich
zo onderhielden besloot de Opperheer, de Beheerser van het
Mystiek Vermogen, Zijn vijand te doden, o held van de
Bhârata's.
[S'ukadeva
Gosvâmî continued:] As the women spoke thus,
O hero of the Bhâratas, Lord Krishna, the master of
all mystic power, made up His mind to kill His opponent.
(Vedabase)
Tekst
18
Hun
ouders [in hechtenis] die de vrouwen hun woorden van
bezorgdheid over hun zoons hoorden, brandden overweldigd door
verdriet vol van leed, niet wetend hoe sterk hun kinderen
waren.
Out
of affection for the two Lords, Their parents
[Devakî and Vasudeva] became overwhelmed with
sorrow when they heard the women's fearful statements. They
grieved, not knowing their sons' strength. (Vedabase)
Tekst
19
Met Acyuta en
Zijn tegenstander die elkaar bevochten met allerlei
worsteltechnieken, deden dat ook Balarâma en
Mushthika.
Lord
Balarâma and Mushthika, expertly displaying numerous
wrestling techniques, battled each other in the same way
that Lord Krishna and His opponent did. (Vedabase)
Tekst
20
Als
gevolg van de verpletterende, bliksemharde slagen uitgedeeld
door de handen en voeten van de Allerhoogste Heer, raakte
Cânûra die zich meer en meer gepijnigd en uitgeput
voelde, volledig gebroken.
The
harsh blows from the Supreme Lord's limbs fell like crushing
lightning bolts upon Cânûra, breaking every part
of his body and causing him more and more pain and fatigue.
(Vedabase)
Tekst
21
Hij die Hem met
de snelheid van een havik Hem aanviel, sloeg, met zijn beide
handen tot vuisten gebald, de Allerhoogste Heer Vâsudeva
verwoed op Zijn borst.
Furious,
Cânûra attacked Lord Vâsudeva with the
speed of a hawk and struck His chest with both fists.
(Vedabase)
.
Tekst
22-23
Met zijn gemep
zo onbewogen blijvend als een olifant die wordt geslagen met
een bloemenslinger, greep de Heer Cânûra bij de
armen en slingerde Hij hem een paar keer in het rond om hem met
grote kracht op de aarde neer te smijten zodat hij,
neerstortend als een massieve sierzuil, met zijn kleren, haar
en bloemenslinger in de war, het leven liet.
No
more shaken by the demon's mighty blows than an elephant
struck with a flower garland, Lord Krishna grabbed
Cânûra by his arms, swung him around several
times and hurled him onto the ground with great force. His
clothes, hair and garland scattering, the wrestler fell down
dead, like a huge festival column collapsing.
(Vedabase)
Tekst
24-25
Op dezelfde
manier kreeg ook Mushthika, na de krachtige Heer Balabhadra te
hebben getroffen met zijn vuist, een gewelddadige klap te
verduren van Zijn handpalm zodat hij trillend, uit zijn mond
bloed opgevend, recht waar hij stond levenloos ter aarde zeeg,
als was hij een boom die geveld wordt door de
wind.
Similarly,
Mushthika struck Lord Balabhadra with his fist and was
slain. Receiving a violent blow from the mighty Lord's palm,
the demon trembled all over in great pain, vomited blood and
then fell lifeless onto the ground, like a tree blown down
by the wind. (Vedabase)
Tekst
26
Toen werd
Kûtha die naar voren trad nonchalant met een linkervuist
op speelse wijze ter dood gebracht door Râma, de beste
van alle strijders o Koning.
Confronted
next by the wrestler Kûtha, Lord Balarâma, the
best of fighters, playfully and nonchalantly killed him with
His left fist, O King. (Vedabase)
Tekst
27
Vervolgens
gingen S'ala en Tos'ala tegen de vlakte, door de tenen van
Krishna in hun hoofd getroffen en uiteen
gescheurd.
Then
Krishna struck the wrestler S'ala in the head with His toes
and tore him in half. The Lord dealt with Tos'ala in the
same way, and both wrestlers fell down dead.
(Vedabase)
Tekst
28
Met
Cânûra, Mushthika, Kûtha, S'ala en Tos'ala
gedood vluchtten al de overgebleven worstelaars in de hoop hun
leven te redden.
Cânûra,
Mushthika, Kûtha, S'ala and Tos'ala having been
killed, the remaining wrestlers all fled for their lives.
(Vedabase)
Tekst
29
Zich voegend
bij Hun jonge koeherdersmaten dolden Ze met hen, waarbij ze
muziekinstrumenten bespeelden en tinkelend met Hun
enkelbelletjes ronddansten.
Krishna
and Balarâma then called Their young cowherd
boyfriends to join Them, and in their company the Lords
danced about and sported, Their ankle bells resounding as
musical instruments played. (Vedabase)
Tekst
30
Behalve dan
Kamsa verheugden alle mensen zich over de prestatie van
Râma en Krishna, terwijl de beste geleerden en de
geestelijken uitriepen 'Uitstekend, uitstekend!'
Everyone
except Kamsa rejoiced at the wonderful feat Krishna and
Balarâma had performed. The exalted brâhmanas
and great saints exclaimed, "Excellent! Excellent!"
(Vedabase)
Tekst
31
Met de besten
van zijn worstelaars gedood en op de vlucht geslagen, stopte de
koning van Bhoja zijn instrumentale muziek en sprak hij de
woorden:
The
Bhoja king, seeing that his best wrestlers had all been
killed or had fled, stopped the musical performance
originally meant for his pleasure and spoke the following
words. (Vedabase)
Tekst
32
'Verdrijf de
twee zoons van Vasudeva die zich zo kwalijk hebben gedragen uit
de stad, ontneem de gopa's hun rijkdommen en neem die
halve gare van een Nanda in hechtenis!
[Kamsa
said:] Drive the two wicked sons of Vasudeva out of the
city! Confiscate the cowherds' property and arrest that fool
Nanda! (Vedabase)
Tekst
33
En Vasudeva die
stomkop, Ugrasena, mijn vader dat stuk onbenul en zijn
volgelingen, moeten, omdat ze allen heulden met de vijand,
terstond ter dood worden gebracht.'
Kill
that most evil fool Vasudeva! And also kill my father,
Ugrasena, along with his followers, who have all sided with
our enemies! (Vedabase)
Tekst
34
Met Kamsa die
aldus buitengemeen kwaad aan het tieren was, sprong de
Onoverwinnelijke Heer met gemak omhoog om rap op te klimmen
naar het koninklijk platform.
As
Kamsa thus raved so audaciously, the infallible Lord
Krishna, intensely angry, quickly and easily jumped up onto
the high royal dais. (Vedabase)
Tekst
35
Toen
hij Hem, zijn eigen dood, er aan zag komen, stond hij, slim
genoeg, direct op van zijn zetel en nam hij zijn zwaard en
schild ter hand.
Seeing
Lord Krishna approaching like death personified, the
quick-witted Kamsa instantly rose from his seat and took up
his sword and shield. (Vedabase)
Tekst
36
Kamsa, met zijn
zwaard zo snel als een havik in de lucht van links naar rechts
bewegend, werd bij machte van de onverzettelijke en
angstwekkende kracht gegrepen zoals een slang wordt gegrepen
door de zoon van Târkshya [Garuda].
Sword
in hand, Kamsa moved quickly from side to side like a hawk
in the sky. But Lord Krishna, whose fearsome strength is
irresistible, powerfully seized the demon just as the son of
Târkshya might capture a snake. (Vedabase)
Tekst
37
Toen Hij hem
bij zijn haar beetgreep gleed zijn kroon eraf. Hij met de
Lotusnavel slingerde hem daarop van het hoge platform in de
worstelring waarna Hij, de Onafhankelijke Steun van het Ganse
Universum, boven op hem sprong.
Grabbing
Kamsa by the hair and knocking off his crown, the
lotus-naveled Lord threw him off the elevated dais onto the
wrestling mat. Then the independent Lord, the support of the
entire universe, threw Himself upon the King.
(Vedabase)
Tekst
38
Als een leeuw
met een olifant sleepte Hij hem dood over de grond voor ogen
van al de mensen van wie toen een luid 'Ooo..h, ooooh'
weerklonk, o Koning der mensen.
As
a lion drags a dead elephant, the Lord then dragged Kamsa's
dead body along the ground in full view of everyone present.
O King, all the people in the arena tumultuously cried out,
"Oh! Oh!" (Vedabase)
Tekst
39
Aangezien hij,
zonder ophouden vol van zorgen, Hem, de Beheerser met de
cakra in Zijn hand, voor zich had gezien wanneer hij ook
maar dronk of at, liep, sliep of ademde, verkreeg hij om die
reden dezelfde, zo moeilijk te bereiken gedaante [zie ook
sârûpya 10.41:
42 en
10.29:
13].
Kamsa
had always been disturbed by the thought that the Supreme
Lord was to kill him. Therefore when drinking, eating,
moving about, sleeping or simply breathing, the King had
always seen the Lord before him with the disc weapon in His
hand. Thus Kamsa achieved the rare boon of attaining a form
like the Lord's. (Vedabase)
Tekst
40
Zijn acht
jongere broers Kanka,
Nyagrodhaka en de rest, renden in woede ontstoken naar voren
ten aanval om Hem hun broer betaald te zetten.
Kamsa's
eight younger brothers, led by Kanka and Nyagrodhaka, then
attacked the Lords in a rage, seeking to avenge their
brother's death. (Vedabase)
Tekst
41
Aldus
zich derwaarts haastend klaar om toe te slaan werden ze door
Balarâma verpletterd, die als een koning leeuw met de
dieren Zijn strijdknots
hanteerde.
As
they ran swiftly toward the two Lords, ready to strike, the
son of Rohinî slew them with His club just as a lion
easily kills other animals. (Vedabase)
Tekst
42
Pauken
weerklonken in de lucht, Brahmâ, S'iva, de andere goden
en de gevolmachtigden zongen verheugd hun lofprijzingen en
strooiden bloemen over Hem uit terwijl hun vrouwen
dansten.
Kettledrums
resounded in the sky as Brahmâ, S'iva and other
demigods, the Lord's expansions, rained down flowers upon
Him with pleasure. They chanted His praises, and their wives
danced. (Vedabase)
Tekst
43
De
echtgenotes, o Keizer, treurend over de dood van hun weldoeners
kwamen naar daar, met tranen in hun ogen zich op het hoofd
slaand.
My
dear King, the wives of Kamsa and his brothers, aggrieved by
the death of their well-wishing husbands, came forward with
tearful eyes, beating their heads. (Vedabase)
Tekst
44
Met
het omhelzen van hun echtgenoten neerliggend op het heldenbed,
weeklaagden de vrouwen luid, waarbij ze een stroom van tranen
de vrije loop lieten:
Embracing
their husbands, who lay on a hero's final bed, the sorrowful
women loudly lamented while shedding constant tears.
(Vedabase)
Tekst
45
"Helaas,
o meester, o teerbeminde, o verdediger van de heilige plicht, o
vriendelijkheid in persoon, o jij zo vol van mededogen;
tegelijk met het de dood vinden van jullie hebben wij, jullie
huishouding en jullie nageslacht, de dood
gevonden.
[The
women cried out:] Alas, O master, O dear one, O knower
of religious principles! O kind and compassionate protector
of the shelterless! By your being slain we have also been
slain, together with your household and offspring.
(Vedabase)
Tekst
46
Verstoken
van jou, de meester, schijnt deze stad net als wij, o meest
heldhaftige onder de mannen, niet meer zo mooi toe met al de
feestelijkheid en de verrukking die ten einde zijn
gekomen.
O
great hero among men, bereft of you, its master, this city
has lost its beauty, just as we have, and all festivity and
good fortune within it have come to an end.
(Vedabase)
Tekst
47
Het
verschrikkelijke geweld waar jij je jegens onschuldige levende
wezens aan schuldig hebt gemaakt hebben geresulteerd in de
toestand waarin je nu verkeert o liefste, hoe kan het met hem
die andere levende wezens schade berokkent nu goed
aflopen?
O
dear one, you have been brought to this state because of the
terrible violence you committed against innocent creatures.
How can one who harms others attain happiness?
(Vedabase)
Tekst
48
Hij
die van minachting is voor deze Ene, Hij die van al de levende
wezens in deze wereld voorzeker de oorsprong, handhaving en
verdwijning is, kan nimmer gelukkig
gedijen.'
Lord
Krishna causes the appearance and disappearance of all
beings in this world, and He is their maintainer as well.
One who disrespects Him can never prosper happily.
(Vedabase)
Tekst
49
S'rî
S'uka zei: 'De Allerhoogste Heer, de Onderhouder van alle
Werelden, troostte de vrouwen rondom de koning en regelde zoals
voorgeschreven de begrafenisriten voor de
overledenen.
S'ukadeva
Gosvâmî said: After consoling the royal ladies,
Lord Krishna, sustainer of all the worlds, arranged for the
prescribed funeral rites to be performed. (Vedabase)
Tekst
50
Toen
dat was afgehandeld bevrijdden Krishna en Râma Hun vader
en moeder van hun boeien en bewezen Ze hen de eer door met Hun
hoofden hun voeten aan te raken.
Then
Krishna and Balarâma released Their mother and father
from bondage and offered obeisances to them, touching their
feet with Their heads. (Vedabase)
Tekst
51
Devakî
en Vasudeva met het onderkennen van [Hen als] de
Beheersers van het Universum bewezen op hun beurt met gevouwen
handen hun respect en omhelsden, beducht, hun zonen niet.'
Devakî
and Vasudeva, now knowing Krishna and Balarâma to be
the Lords of the universe, simply stood with joined palms.
Being apprehensive, they did not embrace their sons.
(Vedabase)