Hoofdstuk
21:
De
Werkelijkheid van de Zonnegod Sûrya

(15) De binnenkant van
het voertuig bemeet 3.6 miljoen yojana's in de lengte
maar is slechts een kwart zo breed; hij wordt getrokken
door zeven paarden vernoemd naar de vedische verzen
[Gâyatrî, Brhati, Usnik, Jagatî,
Tristup, Anustup en Pankti] die er door Arunadeva
voor zijn gespannen met een dissel die net zo lang is,
opdat de zonnegod kan worden vervoerd. [de eigenlijke
diameter van de zon zelf bedraagt 1.392 miljoen
kilometer]
Hoofdstuk
22:
De Beweging
der Planeten en hun Veronderstelde
Effecten
(3) Die oorzaak, deze
hoogst machtige oorspronkelijke persoon, rechtstreeks
waargenomen als Nârâyana de Superziel van de
drie Veda's, die er is voor het heil en de karmische
zuivering van al de werelden, is de oorzaak waar alle
heiligheid en alle vedisch weten navraag naar doet; Hij
beschikt de twaalf verdelingen van het jaar en, in
overeenstemming met wat voorheen werd genoten, de
verschillende kwaliteiten naar het zesvoudige van de
seizoenen beginnende met de lente.
Hoofdstuk
23:
Beschrijving
van de Sterren van Sisumâra, ons Spiraalvormig
Sterrenstelsel.

(4) Sommigen stellen
zich dit grote wiel van planeten en sterren voor in de
vorm van een sisumâra [een dolfijn] en
beschrijven het, geconcentreerd in de yoga, als [het
zichtbare van] de Allerhoogste Heer Vâsudeva
[zie ook een afbeelding van de sterrenhemel zoals men
die feitelijk door een telescoop
ziet].
Hoofdstuk
24:
De Lagere
Werelden

(23) Naar aanleiding
van dat wat gedaan werd door de Allerhoogste Heer die
langs geen andere weg kan worden waargenomen, namelijk
het wegnemen van de drie werelden met behulp van de truuk
van het bedelen [om drie stappen land] zodat hem
niets bleef behalve zijn eigen lichaam welk toen volledig
met de touwen van Varuna werd gebonden en vastgehouden in
een berggrot, zei hij aldus in feite:

Hoofdstuk
25:
De
Heerlijkheid van Heer Ananta

(3) Van
Zijn verlangen om, na de nodige tijd, met woede deze zo
allerprachtigste ronddraaiende wereld te vernietigen,
wordt daadwerkelijk van tussen Zijn wenkbrauwen een Rudra
[een incarnatie van Heer S'iva] gevormd naar
Sankarshana vernoemd vanwaar uit elf drieogige expansies
oprezen die puntige drietanden omhooghouden.
(7) Terwijl op Hem
voortdurend wordt gemediteerd door de scharen van de
verlichten en onverlichten, de semi-goddelijke
slang-gelijken, de volmaakten, de zangers der hemel en
zij die zich baseren op de kennis en de wijzen, beweegt
hij, verrukt onder de invloed, Zijn ogen heen en weer.
Met de nektar van een fijne keuze aan woorden en
lieflijke zang zijn Zijn metgezellen, de leiders van de
verschillende groepen van intelligenten, Hem aan het
behagen wiens luister nimmer afneemt, die immer fris is
met de geur van de tulsibloesems die met hun honing de
bijen gek maken rondom Zijn aldus nog mooiere
vaijayantî bloemenslinger. Gekleed in het blauw met
slechts één oorhanger en de schoonheid van
Zijn gelukbrengende handen geplaatst op het handvat van
Zijn ploeg houdt Hij, met een gouden gordel om, zich
bezig met bovenzinnelijk spel en vermaak als de
Allerhoogste Heer in eigen persoon, zo onoverwinnelijk
als de olifant van Indra.
Hoofdstuk
26:
De Helse
Werelden of de Karmische Terugslag

(30) Daarenboven, is
een ieder eveneens die in zijn leven slechts maar met
valse trots zichzelf onwaardig betoonde jegens een meer
eerbaar iemand van goede geboorte, verzaking, kennis,
goed gedrag en trouw aan de principes, zonder veel
respect te tonen, is een man dood bij het leven die na
zijn heengaan, met zijn hoofd eerst, de hel wordt
ingegooid van Ksârakardama [de 'poel van
bijtende modder'], om inderdaad te lijden onder de
meest pijnlijke omstandigheden.