regelbalk


 

Canto 2

Govinda jaya jaya

 

 

Hoofdstuk 4: Het Proces van de Schepping

(1) Sûta zei: "Meteen nadat hij zich realiseerde wat S'ukadeva Gosvâmî aldus zei over het zich verwittigen van de werkelijkheid van de ziel, concentreerde de kuise zoon van Uttarâ [Parîkchit] zich op Heer Krishna. (2) Teneinde niet voortdurend gestoord te worden, gaf hij zijn diep gewortelde affiniteit met zijn lichaam, zijn echtgenote, zijn zoon, zijn schatkist, en al zijn verwanten en vrienden in het koninkrijk op. (3-4) Uit volle overtuiging deed de grote ziel op precies dezelfde manier hierover navraag zoals u me dat vraagt, o grote wijzen. Op de hoogte gesteld van zijn dood verzaakte hij zijn vruchtdragende activiteiten overeenkomstig de drie principes [- van zelfrealisatie: het verzaken van religieuze handelingen, economische ontwikkeling en zinsbevrediging] en alles wat erbij hoort en aldus hecht verankerd bereikte hij de aantrekking van de liefde voor de Allerhoogste Heer Vâsudeva. (5) De koning zei: 'Wat u zei is volkomen waar, o hoog geleerde; u die zonder besmettingen bent weet het allemaal en zorgt ervoor dat het duister van de onwetendheid geleidelijk aan verdwijnt terwijl u spreekt over de onderwerpen die de Heer betreffen. (6) Verder, zou ik graag vernemen over hoe de Opperheer middels Zijn persoonlijke energieën deze zichtbare wereld van het universum creëert die zo ondoorgrondelijk is voor zelfs de meesters der meditatie. (7) En alstublieft vertel me tevens over de manier waarop de machtige Zijn energieën handhaaft en ze weer terugneemt, als de almachtige Hoogste Persoonlijkheid komend tot Zijn expansies, ze erbij betrekkend alsook er zelf bij betrokken zijnd, ze opvoerend alsook ze aanzettend tot handelen. [zie ook canto1, hoofdstuk 3] (8) Zelfs de hoog ontwikkelden schieten, ondanks hun pogen voor Hem, tekort beste brahmaan, in het verklaren van de wonderbaarlijke, ondoorgrondelijke handelingen van de Allerhoogste Heer. (9) Alhoewel Hij handelt door Zijn verschillende incarnaties is Hij de Ene en Allerhoogste, of Hij nu handelt als de geaardheden, gelijktijdig in de materiële energie aanwezig is, danwel zich opeenvolgend manifesteert in vele gedaanten. (10) Alstublieft verschaf opheldering over al deze door mij gestelde vragen aangezien u, zo goed zijnde als de Opperheer Zelve, zowel van de mondelinge traditie met de vedische geschriften bent als volledig zelfverwerkelijkt in bovenzinnelijkheid'."

(11) Sûta zei: "Na aldus ertoe te zijn verzocht door de koning om de bovenzinnelijke eigenschappen van Heer Hrishîkes'a [Krishna als de meester der zinnen] te beschrijven zette S'uka, teneinde naar behoren antwoord te geven, zich ertoe methodisch te werk te gaan.

(12) S'rî S'uka zei: 'Mijn eerbetuigingen aan de Allerhoogste Persoonlijkheid van God, die voor zowel de handhaving als voor het terugnemen van het volkomen geheel van de materiële schepping, middels Zijn spel en vermaak de macht van de drie geaardheden aannam terwijl Hij innerlijk verblijft als de Ene wiens wegen ondoorgrondelijk zijn. (13) Nogmaals mijn eerbetuigingen aan Hem die de waarachtigen bevrijdt van de ellende van de controverses van hen die van onwaarheid zijn en andermaal mijn respect voor Hem die de vorm van de zuivere goedheid is en alles toekent wat wordt gezocht door hen die zich bevinden in de status van het hoogste stadium van geestelijke volmaaktheid [de paramahamsa's]. (14) Laat me mijn eerbetuigingen brengen aan die grootse kameraad van de Yadu-dynastie die, zich verre houdend van werelds gekonkel, de niet-toegewijden overwint. Ik buig me neer voor Hem die van dezelfde grootheid is in het genieten van de weelde als in het genieten van Zijn eigen verblijf in de geestelijke hemel. (15) Van Hem wiens verheerlijking, heugenis, aanschouwen, gebeden, luisteren en eerbetoon terstond alle mensen van de gevolgen van zonde bevrijd; Hem waarover men verneemt dat Hij in alle opzichten begunstigt, breng ik telkens weer mijn verschuldigde eerbetuigingen. (16) Zij helder van geest die door eenvoudigweg zich aan de lotusvoeten te wijden alle gehechtheden aan een huidig of toekomstig bestaan volledig opgeven, realiseren voorzeker zonder moeilijkheden de vooruitgang van het hart en de ziel naar het spirituele bestaan; die vermaarde, alles-begunstigende Ene breng ik keer op keer mijn eerbetuigingen (17) De grote wijzen, de grote helden der liefdadigheid, de meest onderscheidenen, de grootste denkers, de grote mantra-chanters [reciteerders/zangers] en de strikte volgelingen zullen nooit tot tastbare resultaten komen zonder Hem toegewijd te zijn; Hem zo gunstig om over te vernemen breng ik telkens weer mijn eerbetuigingen. (18) De volkeren van Oud-Bharata [India], Europa, het zuiden van India, Griekenland, Pulkas'a [een provincie], Âbhîra [deel van oud Sind], S'umbha [een andere provincie], Turkije, Mongolië en nog anderen die ook aan de zonde verslaafd zijn en hun toevlucht tot de Heer Zijn toegewijden zoeken, raken meteen gezuiverd; jegens Hem, de machtige Heer Vishnu, mijn respectvolle eerbetuigingen. (19) Hij is de ziel en Heer van de zelfverwerkelijkten; de verpersoonlijking van de Veda's, de religieuze literatuur en de versobering; degene die door de Ongeboren Ene [Brahmâ], Heer S'iva en hen die boven alle pretenties staan in achting wordt gehouden; o Allerhoogste Heer, moge Uw welwillendheid altijd met me zijn. (20) Van alle weelde de eigenaar, de leider van alle offerandes, de aanvoerder van alle levende wezens, de meester der intelligenten, de heerser over alle werelden, de hoogste instantie van de planeet aarde als ook als de eerste onder hen de bestemming van de koningen van de Yadu-dynastie; o Allerhoogste Heer, meester van de toegewijden, wees me genadig. (21) Het wordt gezegd dat het denken aan Zijn lotusvoeten, er op ieder ogenblik in verzonken zijnd, de autoriteiten volgend, zuiverend de pure kennis geeft van de uiteindelijke werkelijkheid van de ziel en ook dat het de geleerden er toe aanzet over Hem te schrijven naar hun voorkeur; o Mukunda, mijn Opperheer, moge Uw genade altijd met me zijn. (22) Moge Hij die de Godin van het Leren van het begin af aan inspireerde en de eerste van de Schepping bekrachtigde [Heer Brahmâ] met heugenis in het hart omtrent zijn eigen natuur, terwijl Hij zelf scheen te zijn geschapen uit zijn mond - moge Hij, de Leraar der Leraren, tevreden over mij zijn. (23) Hij die neerligt in de materiële schepping en al deze lichamen gemaakt van de stoffelijke elementen tot leven wekt terwijl Hij als de purusha [de oorspronkelijke persoon] er de oorzaak van is dat allen onderworpen zijn aan de geaardheden der natuur met haar zestien onderdelen [bewustzijn, en de vijf elementen van aarde, water, lucht, vuur en ether en de vijf organen van aktie en de vijf zintuigen]; moge die Allerhoogste Heer de illustratie zijn van mijn uitlatingen. (24) Mijn eerbetuigingen aan Hem, de grote heer van Vâsudeva [Vyâsadeva in den vleze], de vergaarder van de vedische literatuur, van wiens lotusmond zijn aanhangers de nectar van deze kennis dronken. (25) De eerste [Vyâsadeva; Brahmâ], mijn beste koning, gaf daartoe verzocht door Nârada, van binnen uit, de vedische kennis exact door zoals die was uitgesproken door de Heer in het hart'."

 

next                                

 
 

Tweede editie, geladen 4 April 2006.

 

 

 

Bronteksten:

Het scheppingsproces.

 

Tekst 1:

Sûta zei: "Meteen nadat hij zich realiseerde wat S'ukadeva Gosvâmî aldus zei over het zich verwittigen van de werkelijkheid van de ziel, concentreerde de kuise zoon van Uttarâ [Parîkchit] zich op Heer Krishna.

Sûta Gosvâmî zei: Nadat Mahârâja Parîkshit, de zoon van Uttarâ, S'ukadeva Gosvâmî zo had horen spreken over al hetgeen de waarheid aangaande het zelf betreft, richtte hij zijn aandacht getrouw op Heer Krishna. (Vedabase)

 

Tekst 2:

Teneinde niet voortdurend gestoord te worden, gaf hij zijn diep gewortelde affiniteit met zijn lichaam, zijn echtgenote, zijn zoon, zijn schatkist, en al zijn verwanten en vrienden in het koninkrijk op.

Als gevolg van zijn intense aangetrokkenheid tot Heer Krishna kon Mahârâja Parîkshit zijn diepgewortelde genegenheid voor zijn eigen lichaam, zijn vrouw, zijn kinderen, zijn paleis, zijn paarden en olifanten, zijn schatkamer, zijn vrienden en bekenden en zijn onbetwiste koninkrijk laten varen. (Vedabase)

 

Tekst 3-4:

Uit volle overtuiging deed de grote ziel op precies dezelfde manier hierover navraag zoals u me dat vraagt, o grote wijzen. Op de hoogte gesteld van zijn dood verzaakte hij zijn vruchtdragende activiteiten overeenkomstig de drie principes [- van zelfrealisatie: het verzaken van religieuze handelingen, economische ontwikkeling en zinsbevrediging] en alles wat erbij hoort en aldus hecht verankerd bereikte hij de aantrekking van de liefde voor de Allerhoogste Heer Vâsudeva.

O grote wijzen, de grote ziel Mahârâja Parîkshit, die steeds in vervoering aan Heer Krishna dacht, zich er wel van bewust dat zijn dood op handen was, liet alle vormen van baatzuchtig streven varen, namelijk ritualisme, het vergaren van have en goed en het najagen van zinsbevrediging, en stelde, in natuurlijke liefde vast op Krishna gericht, dezelfde vragen die u me hier allemaal stelt. (Vedabase)

 

Tekst 5:

De koning zei: 'Wat u zei is volkomen waar, o hoog geleerde; u die zonder besmettingen bent weet het allemaal en zorgt ervoor dat het duister van de onwetendheid geleidelijk aan verdwijnt terwijl u spreekt over de onderwerpen die de Heer betreffen.

Mahârâja Parîkshit zei: O geleerde brâhmana, u weet alles, omdat u van stoffelijke smetten vrij bent. Daarom komt alles wat u me gezegd hebt me als volmaakt juist voor. Uw woorden verdrijven geleidelijk het duister van mijn onwetendheid, want u verhaalt van het relaas van de Heer. (Vedabase)

 

Tekst 6:

Verder, zou ik graag vernemen over hoe de Opperheer middels Zijn persoonlijke energieën deze zichtbare wereld van het universum creëert die zo ondoorgrondelijk is voor zelfs de meesters der meditatie.

Ik verzoek te mogen vernemen hoe de Godspersoon door Zijn eigen energieën deze universa met hun verschijnselen kreëert zoals ze zijn, waarvan zelfs de grote halfgoden zich geen voorstelling kunnen maken. (Vedabase)

 

Tekst 7:

En alstublieft vertel me tevens over de manier waarop de machtige Zijn energieën handhaaft en ze weer terugneemt, als de almachtige Hoogste Persoonlijkheid komend tot Zijn expansies, ze erbij betrekkend alsook er zelf bij betrokken zijnd, ze opvoerend alsook ze aanzettend tot handelen [zie ook canto1, hoofdstuk 3].

Wees zo goed te beschrijven hoe de Opperheer, die alle macht bezit, Zijn verschillende energieën en expansies inschakelt bij de instandhouding en het terugwikkelen van de wereld der verschijnselen als iemand die vrolijk in zijn spel opgaat. (Vedabase)

  

Tekst 8:

Zelfs de hoog ontwikkelden schieten, ondanks hun pogen voor Hem, tekort beste brahmaan, in het verklaren van de wonderbaarlijke, ondoorgrondelijke handelingen van de Allerhoogste Heer.

O geleerde brâhmana, de bovenzinnelijke aktiviteiten van de Heer zijn alle schitterend en ze blijken ondoorgrondelijk, want hoe ernstig vele grote geleerden het ook hebben geprobeerd, ze zijn er niet in geslaagd om ze te bevatten. (Vedabase)

 

Tekst 9:

Alhoewel Hij handelt door Zijn verschillende incarnaties is Hij de Ene en Allerhoogste, of Hij nu handelt als de geaardheden, gelijktijdig in de materiële energie aanwezig is, danwel zich opeenvolgend manifesteert in vele gedaanten.

De Allerhoogste Godspersoon is één, of Hij nu slechts handelt door de geaardheden van de natuur, of zich gelijktijdig in vele gedaanten expandeert, of dit in geleidelijke opeenvolging doet om de geaardheden te bestuderen. (Vedabase)

 

Tekst 10:

Alstublieft verschaf opheldering over al deze door mij gestelde vragen aangezien u, zo goed zijnde als de Opperheer Zelve, zowel van de mondelinge traditie met de vedische geschriften bent als volledig zelfverwerkelijkt in bovenzinnelijkheid'."

Heldert u deze onduidelijke zaken alstublieft voor me op, want u bent niet alleen zeer geleerd in de Vedische kennis en zelfverwerkelijkt in het transcendente, maar u bent ook een groot toegewijde van de Heer en daarom even goed als de Godspersoon. (Vedabase)

 

Tekst 11

Sûta zei: "Na aldus ertoe te zijn verzocht door de koning om de bovenzinnelijke eigenschappen van Heer Hrishîkes'a [Krishna als de meester der zinnen] te beschrijven zette S'uka, teneinde naar behoren antwoord te geven, zich ertoe methodisch te werk te gaan.

Sûta Gosvâmî zei: Aldus door de vorst verzocht om de scheppingsenergie van de Godspersoon te beschrijven, richtte S'ukadeva Gosvâmî zijn heugenis systematisch op de meester der zinnen [S'rî Krishna] en sprak, om juist te antwoorden, als volgt. (Vedabase)

 

Tekst 12

S'rî S'uka zei: 'Mijn eerbetuigingen aan de Allerhoogste Persoonlijkheid van God, die voor zowel de handhaving als voor het terugnemen van het volkomen geheel van de materiële schepping, middels Zijn spel en vermaak de macht van de drie geaardheden aannam terwijl Hij innerlijk verblijft als de Ene wiens wegen ondoorgrondelijk zijn.

S'ukadeva Gosvâmî sprak: Laat me mijn eerbiedige eerbetuigingen brengen aan de Allerhoogste Godspersoon, die terwille van de schepping van de stoffelijke wereld de drieërlei aard der natuur benut. Hij is het Volkomen Geheel, dat in ieders lichaam verblijft, en Zijn wegen zijn ondoorgrondelijk. (Vedabase)

 

Tekst 13:

Nogmaals mijn eerbetuigingen aan Hem die de waarachtigen bevrijdt van de ellende van de controverses van hen die van onwaarheid zijn en andermaal mijn respect voor Hem die de vorm van de zuivere goedheid is en alles toekent wat wordt gezocht door hen die zich bevinden in de status van het hoogste stadium van geestelijke volmaaktheid [de paramahamsa's].

Opnieuw breng ik mijn eerbiedige eerbetuigingen aan de gedaante van volkomen existentie en transcendentie, die de vrome toegewijden van alle ellenden verlost en de niet-toegewijde demonen fnuikt in de verdere ontwikkeling van hun goddeloosheid. De transcendentalisten die zich op het peil van de hoogste geestelijke volmaaktheid bevinden kent Hij hun bijzondere bestemming toe. (Vedabase)

 

Tekst 14:

Laat me mijn eerbetuigingen brengen aan die grootse kameraad van de Yadu-dynastie die, zich verre houdend van werelds gekonkel, de niet-toegewijden overwint. Ik buig me neer voor Hem die van dezelfde grootheid is in het genieten van de weelde als in het genieten van Zijn eigen verblijf in de geestelijke hemel.

Laat me mijn eerbiedige eerbetuigingen brengen aan Hem die omgaat met de leden van de Yadu-dynastie en altijd een probleem vormt voor de niet-toegewijden. Hij is de allerhoogste genieter zowel in de stoffelijke als in de geestelijke wereld, maar toch geniet Hij in Zijn eigen woning in de geestelijke ruimte. Niemand evenaart Hem, want Zijn bovenzinnelijke wereld is onmetelijk. (Vedabase)

 

Tekst 15:

Van Hem wiens verheerlijking, heugenis, aanschouwen, gebeden, luisteren en eerbetoon terstond alle mensen van de gevolgen van zonde bevrijd; Hem waarover men verneemt dat Hij in alle opzichten begunstigt, breng ik telkens weer mijn verschuldigde eerbetuigingen.

Laat ik mijn eerbiedige eerbetuigingen brengen aan de al-zegenrijke Heer S'rî Krishna, want wie Hem verheerlijkt, zich Hem heugt, Hem ziet, tot Hem bidt, van Hem verneemt en Hem vereert, kan dadelijk van de terugslagen van al zijn zonden worden bevrijd. (Vedabase)

 

Tekst 16:

Zij helder van geest die door eenvoudigweg zich aan de lotusvoeten te wijden alle gehechtheden aan een huidig of toekomstig bestaan volledig opgeven, realiseren voorzeker zonder moeilijkheden de vooruitgang van het hart en de ziel naar het spirituele bestaan; die vermaarde, alles-begunstigende Ene breng ik keer op keer mijn eerbetuigingen.

Laat me telkens opnieuw mijn eerbiedige eerbetuigingen brengen aan de al-zegenrijke Heer S'rî Krishna. Door zich gewoon aan Zijn lotusvoeten over te geven raken de hoogst intelligenten verlost van alle gehechtheid aan huidig en toekomstig bestaan en naderen moeiteloos tot het geestelijke zijn. (Vedabase)

 

Tekst 17:

De grote wijzen, de grote helden der liefdadigheid, de meest onderscheidenen, de grootste denkers, de grote mantra-chanters [reciteerders/zangers] en de strikte volgelingen zullen nooit tot tastbare resultaten komen zonder Hem toegewijd te zijn; Hem zo gunstig om over te vernemen breng ik telkens weer mijn eerbetuigingen.

Laat me andermaal en opnieuw mijn eerbiedige eerbetuigingen brengen aan de al-zegenrijke Heer S'rî Krishna, omdat allen die tot grootheid gekomen zijn in wijsheid, barmhartigheid, roemrijke werken, filosofie, mystiek, het reciteren van de Veda's en het volgen van de Vedische beginselen, daarbij geen enkele baat kunnen hebben als ze hun grote kwaliteiten niet in dienst stellen van de Heer. (Vedabase)

 

Tekst 18:

De volkeren van Oud-Bharata [India], Europa, het zuiden van India, Griekenland, Pulkas'a [een provincie], Âbhîra [deel van oud Sind], S'umbha [een andere provincie], Turkije, Mongolië en nog anderen die ook aan de zonde verslaafd zijn en hun toevlucht tot de Heer Zijn toegewijden zoeken, raken meteen gezuiverd; jegens Hem, de machtige Heer Vishnu, mijn respectvolle eerbetuigingen.

Kirâta, Hûna, Ândhra, Pulinda, Pulkas'a, Âbhîra, S'umbha, Yavana, vertegenwoordigers van het Khasa-ras en zelfs anderen, verslingerd als ze zijn aan een zondig bestaan, kunnen zich louteren wanneer ze hun toevlucht zoeken bij de toegewijden van de Heer, dankzij Zijn almacht. Daarom wil ik Hem mijn eerbiedige eerbetuigingen brengen. (Vedabase)

 

Tekst 19:

Hij is de ziel en Heer van de zelfverwerkelijkten; de verpersoonlijking van de Veda's, de religieuze literatuur en de versobering; degene die door hen die boven alle pretenties staan in achting wordt gehouden, de Ongeboren Ene [Brahmâ] en Heer S'iva; o Allerhoogste Heer, moge Uw welwillendheid altijd met me zijn.

Hij is de Superziel en de Opperheer van alle zelfgerealiseerde zielen. Hij is de Veda's, de religieuze Schriften en de boete in eigen persoon. Hij wordt aanbeden door Heer Brahmâ en Heer S'iva en al degenen die geen enkele pretentie koesteren. Moge deze Allerhoogste Absolute, aldus met eerbied en ontzag geprezen, me welgezind zijn. (Vedabase)

 

Tekst 20:

Van alle weelde de eigenaar, de leider van alle offerandes, de aanvoerder van alle levende wezens, de meester der intelligenten, de heerser over alle werelden, de hoogste instantie van de planeet aarde als ook als de eerste onder hen de bestemming van de koningen van de Yadu-dynastie; o Allerhoogste Heer, meester van de toegewijden, wees me genadig.

O Heer S'rî Krishna, aanbiddenswaardige meester van alle toegewijden, beschermer en heerlijkheid van alle vorsten, zoals Andhaka en Vrishni van het geslacht Yadu, echtgenoot van alle geluksgodinnen, bestuurder van alle offers en derhalve leider van alle levende wezens, meester van alle intelligentie, eigenaar van alle zowel geestelijke als stoffelijke planeten en allerhoogste avatâra op aarde, [die in alle opzichten de Allerhoogste bent], wees me genadig. (Vedabase)

 

Tekst 21:

Het wordt gezegd dat het denken aan Zijn lotusvoeten, er op ieder ogenblik in verzonken zijnd, de autoriteiten volgend, zuiverend de pure kennis geeft van de uiteindelijke werkelijkheid van de ziel en ook dat het de geleerden er toe aanzet over Hem te schrijven naar hun voorkeur; o Mukunda, mijn Opperheer, moge Uw genade altijd met me zijn.

Het is de Godspersoon S'rî Krishna die verlossing schenkt. Door naar het voorbeeld van de autoriteiten onophoudelijk aan Zijn lotusvoeten te denken, kan de toegewijde in trance de Absolute Waarheid aanschouwen. De geleerde theoretici daarentegen hebben hun eigen ideeën over Hem. Moge de Heer voldaan over mij zijn. (Vedabase)

 

Tekst 22:

Moge Hij die de Godin van het Leren van het begin af aan inspireerde en de eerste van de Schepping bekrachtigde [Heer Brahmâ] met heugenis in het hart omtrent zijn eigen natuur, terwijl Hij zelf scheen te zijn geschapen uit zijn mond - moge Hij, de Leraar der Leraren, tevreden over mij zijn.

Moge de Heer, die in het begin der schepping de krachtige kennis van Brahmâ in diens hart vermeerderde en hem volkomen inzicht aangaande de schepping en Zichzelf ingaf, en die uit de mond van Brahmâ verwekt scheen te zijn, - moge die Heer voldaan over me zijn. (Vedabase)

 

Tekst 23:

Hij die neerligt in de materiële schepping en al deze lichamen gemaakt van de stoffelijke elementen tot leven wekt terwijl Hij als de purusha [de oorspronkelijke persoon] er de oorzaak van is dat allen onderworpen zijn aan de geaardheden der natuur met haar zestien onderdelen [bewustzijn, en de vijf elementen van aarde, water, lucht, vuur en ether en de vijf organen van aktie en de vijf zintuigen]; moge die Allerhoogste Heer de illustratie zijn van mijn uitlatingen.

Moge de Allerhoogste Godspersoon, die de van stoffelijke elementen geschapen lichamen tot leven wekt door Zich neer te leggen in het heelal en die er als purusha-avatâra voor zorgt dat het levend wezen aan de zestien soorten invloeden van de stoffelijke geaardheden, die het verwekken, onderworpen raakt, zo goed zijn mijn verklaringen te verluchten. (Vedabase)

 

Tekst 24:

Mijn eerbetuigingen aan Hem, de grote heer van Vâsudeva [Vyâsadeva in den vleze], de vergaarder van de vedische literatuur, van wiens lotusmond zijn aanhangers de nectar van deze kennis dronken.

Ik breng mijn eerbiedige eerbetuigingen aan S'rîla Vyâsadeva, de inkarnatie van Vâsudeva, die de Vedische Schriften heeft geboekstaafd. De zuivere toegewijden drinken de nektargelijke bovenzinnelijke kennis die uit de lotusmond van de Heer welt. (Vedabase)

 

Tekst 25:

De eerste [Vyâsadeva; Brahmâ], mijn beste koning, gaf daartoe verzocht door Nârada, van binnen uit, de vedische kennis exact door zoals die was uitgesproken door de Heer in het hart'."

Waarde vorst, Brahmâ, de eerstgeborene, stelde Nârada op diens verzoek in kennis van dit alles, aangezien de Heer het rechtstreeks meegedeeld had aan Zijn zoon, die vanaf zijn geboorte met de Vedische kennis verzadigd werd. (Vedabase)

 

 

 

 

 

 

 

 

Voor deze oorspronkelijke vertaling is een alles-in-een band exemplaar
met uitgebreid commentaar gebruikt.
ISBN: o-91277-27-7
Zie de
S'rîmad Bhâgavatam linkspagina
voor een download van dit boek en andere boeken van Prabhupâda.
De afbeelding van de Vishnu avatâra's op deze pagina is van
Ramadasa-abhirama dasa & Dhrti devî dâsî
Produktie: de
Filognostische Associatie van De Orde van de Tijd



 

 

 

Feed-back | Links | Downloads | MuziekAfbeeldingen | Wat is er Nieuw? | Zoeken | Donaties