regelbalk

 

Mahâmantra 1

 

 

 

Canto 12

 

Hoofdstuk 1

 

Het Verval van de Dynastieën en de Corrupte Aard van de Heersers van Kali-yuga

(0) S'rî Parîkchit zei: 'Alstublieft o wijze zeg me, wiens dynastie heerste over de aarde nadat Krishna, het juweel van de Yadu-dynastie, was vertrokken naar Zijn hemelverblijf?' [*]

(1-2) S'rî S'uka zei: 'De laatste nazaat die er van Brihadratha in de toekomst zal zijn [zie 9.22: 49] wordt Purañjaya genoemd [niet die in 9.6: 12]; maar zijn minister S'unaka zal zijn meester vermoorden om zijn eigen zoon genaamd Pradyota [hist. Bimbisâra] tot koning uit te roepen, van wie de zoon Pâlaka, Vis'âkhayûpa als zijn zoon zal hebben met Râjaka daarop als de volgende. (3) Zijn zoon zal Nandivardhana zijn; deze vijf pradyotana-koningen zullen de aarde honderdachtendertig jaar genieten. (4) Dan zal S'is'unâga geboorte nemen en zal Kâkavarna zijn zoon zijn, van wiens zoon Kshemadharmâ, Kshetrajña zal worden geboren. (5) De zoon Vidhisâra [van Kshetrajña], zal Ajâtas'atru op de wereld zetten en Darbhaka zal zijn zoon zijn van wie men zich Ajaya zal heugen. (6-8) Van Ajaya zal er [een andere] Nandivardhana zijn wiens zoon daarop Mahânandi is. Deze tien S'is'unâga-koningen, o beste van de Kuru's, zullen in het Kali-tijdperk driehonderdenzestig jaar over de aarde heersen. O Koning, de zoon van Mahânandi, een zekere Nanda, zijn geboorte nemend uit de schoot van een vrouw uit de arbeidersklasse, zal, machtig als hij is als een heerser over miljoenen, de vernietiging van de heersende klasse vormen; de koningen dan zullen, vervallend in goddeloosheid, niet beter dan s'ûdra's worden. (9) Hij, die heerser over miljoenen [ookwel bekend als Ugrasena], zal als de enige leiding over de ganse aarde ongeslagen zijn en in zijn alleenheerschappij als een tweede Paras'urâma zijn [zie 9.15 & 16]. (10) De acht zoons met Sumâlya voorop die aldus van hem ter wereld zullen komen, zullen als koningen deze aarde honderd jaar genieten. (11) Een zekere tweemaal geboren brahmaan [genaamd Cânakya] vertrouwd door de negen Nanda's zal hen omverwerpen, waarna met hen verdwenen de Maurya's in Kali-yuga over de aarde zullen heersen [**]. (12) De brahmaan zal aldus Candragupta op de troon zetten van wiens zoon Vârisâra vervolgens As'okavardhana zal volgen. (13) Suyas'â zal door hem ter wereld komen; Sangata, Suyas'â's [klein-] zoon [geboren uit zijn zoon Das'aratha] zal S'âlis'ûka zijn van wie er daarna Somas'armâ zal zijn die aan de wieg zal staan van S'atadhanvâ van wie er Brihadratha zal zijn. (14) Deze tien Maurya-koningen, o voortreffelijke held van de Kuru-dynastie, zullen in Kali-yuga meer dan honderdzevenendertig jaar over de aarde heersen. (15-17) Van Agnimitra [die volgt als de zoon van de generaal Pushpamitra die Brihadratha vermoordde] zal Sujyeshthha volgen van wie er Vasumitra zal zijn met vervolgens Bhadraka en zijn zoon Pulinda. Zijn zoon zal Ghosha zijn van wie Vajramitra ter wereld zal komen; van hem zal Bhâgavata worden geboren van wie er Devabhûti zal zijn, o verheven Kuru. Deze tien S'unga's zullen de aarde genieten voor meer dan honderd [112] jaar waarna deze aarde zal vallen onder de heerschappij van de Kânva-dynastie die weinig goede kwaliteiten heeft, o heerser der mensen. (18) Vasudeva, een hoogst intelligente minister van de Kânva-familie, die (met de hulp van een slavin) de wellustige S'unga-koning Devabhûti zal doden, zal dan zelf het bestuur op zich nemen. (19) Zijn zoon zal Bhûmitra zijn en zijn zoon Nârâyana. Deze Kânva-koningen zullen in Kali-yuga nog weer driehonderdvijfenveertig jaar over de aarde heersen. (20) Een man van het Andhra-ras van lage afkomst genaamd Balî, zal als bediende Sus'armâ doden, de [laatste] Kânva-koning en zeer ontaard enige tijd over de aarde heersen. (21-26) Zijn broer, genaamd Krishna, zal dan de volgende heerser over de aarde zijn en de zoon van S'ântakarna, zijn zoon, zal Paurnamâsa zijn. Na Lambodara, zijn zoon, zal Cibilaka de koning zijn en van Cibilaka zal Meghasvâti er komen van wie er Athamâna zal zijn, gevolgd door Anishthakarmâ. Van Hâleya, zijn zoon, zal Talaka ter wereld komen van wiens zoon Purîshabhîru dan Sunandana de koning zal zijn. Cakora [zijn zoon] zal worden opgevolgd door de acht Bahu's, van wie S'ivasvâti een grote onderwerper van de vijand zal zijn. Van Gomatî, zijn zoon, zal Purîmân er zijn, wiens zoon Medas'irâ zal zijn. S'ivaskanda van hem zal Yajñas'rî als zijn zoon hebben, na wie vervolgens Vijaya, zijn zoon, Candravijña en Lomadhi zal krijgen. Deze dertig koningen zullen vierhonderdvijfenzestig jaar over de wereld heersen, o zoon van de Kuru's [***]. (27) Van de stad Avabhriti zullen dan zeven Âbhîra-koningen volgen, tien Gardabhî's, en zestien Kanka-koningen die als aardse heersers hoogst inhalig zullen zijn. (28) Dan zullen acht Yavana's volgen, veertien Turushka's en verder nog tien Gurunda's en elf Maula's. (29-31) Deze [eerste zes dynastieën] zullen duizendnegenennegentig jaar over de aarde heersen, en de elf Maula's zullen driehonderd jaar heersen, mijn beste. Met hen allen dood en verdwenen zullen in de stad Kilakilâ honderdenzes jaar lang de koningen Bhûtananda, gevolgd door Vangiri met daarna S'is'unandi en dan zijn broer Yas'onandi en Pravîraka heersen. (32-33) Van hen [de Kilakilâ's] zullen er dertien zoons zijn genaamd de Bâhlika's na wie Pushpamitra en vervolgens zijn zoon koning Durmitra zowel als ook zeven Andhra's, zeven Kaus'ala's en ook de heersers van Vidûra en de Nishadha's dan tegelijkertijd als koningen zeker van de heerschappij zullen zijn. (34) Voor de provincie Mâgadha zal er Vis'vasphûrji zijn, die als een andere Purañjaya de mensen van alle klassen zal veranderen in inferieure Pulinda's, Yadu's en Madraka's [onbeschaafde mensen, mensen van een lager allooi, zie *4]. (35) De onintelligente koning, beschut in de stad Padmavatî van de bron van de Ganges tot aan Prayâga over de aarde heersend, zal, zich ten opzichte van de burgers overwegend gedragen in strijd met het brahmaanse, de almachtige klasse der kshatriya's te gronde richten. (36) De tweemaal geborenen levend in de provincies S'aurâshthra, Avantî, Âbhîra, S'ûra, Arbuda en Mâlava zullen [te dien tijde] van hun geloften vallen en zij die onder de mensen voorgaan zullen niet beter dan s'ûdra's worden. (37) De landen aan de rivier de Sindhu, zowel als de districten Candrabhâgâ, Kauntî en Kâs'mîra, zullen worden geregeerd door onbeschaafde lieden [mleccha's], s'ûdra's en anderen die, het ontbrekend aan geestkracht, afwijken van de standaard.

(38) O Koning, deze overwegend onwetende aardse zorgdragers die zich wijden aan goddeloze en onrealistische praktijken zullen, [wedijverend om te heersen] met een heetgebakerd gemoed tegelijkertijd [zonetijd...], hun burgers weinig ruimte gunnen [economisch]. (39) Met het vernietigen van de levens van vrouwen, kinderen, koeien en bekeerde mensen, hebben ze, met het begeren van andermans vrouwen, opgetogen, gematigd en [dan weer] terneergeslagen, zwak in de goedheid hoofdzakelijk maar korte levens te leven [of loopbanen]. Tekort schietend in het brengen van offers en zo niet geschikt zijnde voor het werk zullen zij, deze onnozelaars die zich voordoen als koningen, overschaduwd door hartstocht en onwetendheid, de burgers als het ware verslinden. (40) De mensen in de steden zullen, met het karakter en de manier van spreken en handelen van deze heersers, geplaagd door de 'koningen' en door elkaar, de vernietiging vinden [in oorlogen, economische rampspoed en natuurrampen, zie ook kles'a, Kali-yuga en B.G. 16: 6-12].

  

 next        

 
 

 

 

Bronteksten (geen voorgaande versie in het Nederlands beschikbaar):

The Degraded Dynasties of Kali-yuga

 

Tekst 0:

S'rî Parîkchit zei: 'Alstublieft o wijze zeg me, wiens dynastie heerste over de aarde nadat Krishna, het juweel van de Yadu-dynastie, was vertrokken naar Zijn hemelverblijf?' [*]

 When S'rî Krishna, the jewel of the Yadu's line, had left for His own realm in heaven, whose dynasty ruled over the earth? (pray) tell me this, O (revered) sage! (version: S'astri C.L. Gosvâmî).

 

Tekst 1-2:

S'rî S'uka zei: 'De laatste nazaat die er van Brihadratha in de toekomst zal zijn [zie 9.22: 49] wordt Purañjaya genoemd [niet die in 9.6: 12]; maar zijn minister S'unaka zal zijn meester vermoorden om zijn eigen zoon genaamd Pradyota [hist. Bimbisâra] tot koning uit te roepen, van wie de zoon Pâlaka, Vis'âkhayûpa als zijn zoon zal hebben met Râjaka daarop als de volgende.

S'ukadeva Gosvâmî said: The last king mentioned in our previous enumeration of the future rulers of the Mâgadha dynasty was Purañjaya, who will take birth as the descendant of Brihadratha. Purañjaya's minister S'unaka will assassinate the king and install his own son, Pradyota, on the throne. The son of Pradyota will be Pâlaka, his son will be Vis'âkhayûpa, and his son will be Râjaka.

  

Tekst 3

Zijn zoon zal Nandivardhana zijn; deze vijf pradyotana-koningen zullen de aarde honderdachtendertig jaar genieten.

The son of Râjaka will be Nandivardhana, and thus in the Pradyotana dynasty there will be five kings, who will enjoy the earth for 138 years.

  

 Tekst 4

Dan zal S'is'unâga geboorte nemen en zal Kâkavarna zijn zoon zijn, van wiens zoon Kshemadharmâ, Kshetrajña zal worden geboren.

Nandivardhana will have a son named S'is'unâga, and his son will be known as Kâkavarna. The son of Kâkavarna will be Kshemadharmâ, and the son of Kshemadharmâ will be Kshetrajña.

 

 Tekst 5

De zoon Vidhisâra [van Kshetrajña], zal Ajâtas'atru op de wereld zetten en Darbhaka zal zijn zoon zijn van wie men zich Ajaya zal heugen.

The son of Kshetrajña will be Vidhisâra, and his son will be Ajâtas'atru. Ajâtas'atru will have a son named Darbhaka, and his son will be Ajaya.

 

Tekst 6-8

Van Ajaya zal er [een andere] Nandivardhana zijn wiens zoon daarop Mahânandi is. Deze tien S'is'unâga-koningen, o beste van de Kuru's, zullen in het Kali-tijdperk driehonderdenzestig jaar over de aarde heersen. O Koning, de zoon van Mahânandi, een zekere Nanda, zijn geboorte nemend uit de schoot van een vrouw uit de arbeidersklasse, zal, machtig als hij is als een heerser over miljoenen, de vernietiging van de heersende klasse vormen; de koningen dan zullen, vervallend in goddeloosheid, niet beter dan s'ûdra's worden.

Ajaya will father a second Nandivardhana, whose son will be Mahânandi. O best of the Kurus, these ten kings of the S'is'unâga dynasty will rule the earth for a total of 360 years during the age of Kali. My dear Parîkshit, King Mahânandi will father a very powerful son in the womb of a s'ûdra woman. He will be known as Nanda and will be the master of millions of soldiers and fabulous wealth. He will wreak havoc among the kshatriyas, and from that time onward virtually all kings will be irreligious s'ûdras.

 

Tekst 9

Hij, die heerser over miljoenen [ookwel bekend als Ugrasena], zal als de enige leiding over de ganse aarde ongeslagen zijn en in zijn alleenheerschappij als een tweede Paras'urâma zijn [zie 9.15 & 16].

That lord of Mahâpadma, King Nanda, will rule over the entire earth just like a second Paras'urâma, and no one will challenge his authority.

 

 Tekst 10

De acht zoons met Sumâlya voorop die aldus van hem ter wereld zullen komen, zullen als koningen deze aarde honderd jaar genieten.

He will have eight sons, headed by Sumâlya, who will control the earth as powerful kings for one hundred years.

  

 Tekst 11

Een zekere tweemaal geboren brahmaan [genaamd Cânakya] vertrouwd door de negen Nanda's zal hen omverwerpen, waarna met hen verdwenen de Maurya's in Kali-yuga over de aarde zullen heersen [**].

A certain brâhmana [Cânakya] will betray the trust of King Nanda and his eight sons and will destroy their dynasty. In their absence the Mauryas will rule the world as the age of Kali continues.

 

Tekst 12

De brahmaan zal aldus Candragupta op de troon zetten van wiens zoon Vârisâra vervolgens As'okavardhana zal volgen.

This brâhmana will enthrone Candragupta, whose son will be named Vârisâra. The son of Vârisâra will be As'okavardhana.

 

Tekst 13

Suyas'â zal door hem ter wereld komen; Sangata, Suyas'â's [klein-] zoon [geboren uit zijn zoon Das'aratha] zal S'âlis'ûka zijn van wie er daarna Somas'armâ zal zijn die aan de wieg zal staan van S'atadhanvâ van wie er Brihadratha zal zijn.

As'okavardhana will be followed by Suyas'â, whose son will be Sangata. His son will be S'âlis'ûka, S'âlis'ûka's son will be Somas'armâ, and Somas'armâ's son will be S'atadhanvâ. His son will be known as Brihadratha.

 

Tekst 14

Deze tien Maurya-koningen, o voortreffelijke held van de Kuru-dynastie, zullen in Kali-yuga meer dan honderdzevenendertig jaar over de aarde heersen.

O best of the Kurus, these ten Maurya kings will rule the earth for 137 years of the Kali-yuga.

 

Tekst 15-17

Van Agnimitra [die volgt als de zoon van de generaal Pushpamitra die Brihadratha vermoordde] zal Sujyeshthha volgen van wie er Vasumitra zal zijn met vervolgens Bhadraka en zijn zoon Pulinda. Zijn zoon zal Ghosha zijn van wie Vajramitra ter wereld zal komen; van hem zal Bhâgavata worden geboren van wie er Devabhûti zal zijn, o verheven Kuru. Deze tien S'unga's zullen de aarde genieten voor meer dan honderd [112] jaar waarna deze aarde zal vallen onder de heerschappij van de Kânva-dynastie die weinig goede kwaliteiten heeft, o heerser der mensen.

My dear King Parîkshit, Agnimitra will follow as king, and then Sujyeshthha. Sujyeshthha will be followed by Vasumitra, Bhadraka, and the son of Bhadraka, Pulinda. Then the son of Pulinda, named Ghosha, will rule, followed by Vajramitra, Bhâgavata and Devabhûti. In this way, O most eminent of the Kuru heroes, ten S'unga kings will rule over the earth for more than one hundred years. Then the earth will come under the subjugation of the kings of the Kânva dynasty, who will manifest very few good qualities.

 

Tekst 18

Vasudeva, een hoogst intelligente minister van de Kânva-familie, die (met de hulp van een slavin) de wellustige S'unga-koning Devabhûti zal doden, zal dan zelf het bestuur op zich nemen.

Vasudeva, an intelligent minister coming from the Kânva family, will kill the last of the S'unga kings, a lusty debauchee named Devabhûti, and assume rulership himself.

    

Tekst 19

Zijn zoon zal Bhûmitra zijn en zijn zoon Nârâyana. Deze Kânva-koningen zullen in Kali-yuga nog weer driehonderdvijfenveertig jaar over de aarde heersen.

The son of Vasudeva will be Bhûmitra, and his son will be Nârâyana. These kings of the Kânva dynasty will rule the earth for 345 more years of the Kali-yuga.

 

Tekst 20

Een man van het Andhra-ras van lage afkomst genaamd Balî, zal als bediende Sus'armâ doden, de [laatste] Kânva-koning en zeer ontaard enige tijd over de aarde heersen.

The last of the Kânvas, Sus'armâ, will be murdered by his own servant, Balî a low-class s'ûdra of the Andhra race. This most degraded Mahârâja Balî will have control over the earth for some time.

 

 Tekst 21-26

Zijn broer, genaamd Krishna, zal dan de volgende heerser over de aarde zijn en de zoon van S'ântakarna, zijn zoon, zal Paurnamâsa zijn. Na Lambodara, zijn zoon, zal Cibilaka de koning zijn en van Cibilaka zal Meghasvâti er komen van wie er Athamâna zal zijn, gevolgd door Anishthakarmâ. Van Hâleya, zijn zoon, zal Talaka ter wereld komen van wiens zoon Purîshabhîru dan Sunandana de koning zal zijn. Cakora [zijn zoon] zal worden opgevolgd door de acht Bahu's, van wie S'ivasvâti een grote onderwerper van de vijand zal zijn. Van Gomatî, zijn zoon, zal Purîmân er zijn, wiens zoon Medas'irâ zal zijn. S'ivaskanda van hem zal Yajñas'rî als zijn zoon hebben, na wie vervolgens Vijaya, zijn zoon, Candravijña en Lomadhi zal krijgen. Deze dertig koningen zullen vierhonderdvijfenzestig jaar over de wereld heersen, o zoon van de Kuru's [***].

The brother of Balî, named Krishna, will become the next ruler of the earth. His son will be S'ântakarna, and his son will be Paurnamâsa. The son of Paurnamâsa will be Lambodara, who will father Mahârâja Cibilaka. From Cibilaka will come Meghasvâti, whose son will be Athamâna. The son of Athamâna will be Anishthakarmâ. His son will be Hâleya, and his son will be Talaka. The son of Talaka will be Purîshabhîru, and following him Sunandana will become king. Sunandana will be followed by Cakora and the eight Bahus, among whom S'ivasvâti will be a great subduer of enemies. The son of S'ivasvâti will be Gomatî. His son will be Purîmân, whose son will be Medas'irâ. His son will be S'ivaskanda, and his son will be Yajñas'rî. The son of Yajñas'rî will be Vijaya, who will have two sons, Candravijña and Lomadhi. These thirty kings will enjoy sovereignty over the earth for a total of 456 years, O favorite son of the Kurus.

 

Tekst 27

Van de stad Avabhriti zullen dan zeven Âbhîra-koningen volgen, tien Gardabhî's, en zestien Kanka-koningen die als aardse heersers hoogst inhalig zullen zijn.

Then will follow seven kings of the Âbhîra race from the city of Avabhriti, and then ten Gardabhîs. After them, sixteen kings of the Kankas will rule and will be known for their excessive greed.

 

Tekst 28

Dan zullen acht Yavana's volgen, veertien Turushka's en verder nog tien Gurunda's en elf Maula's.

Eight Yavanas will then take power, followed by fourteen Turushkas, ten Gurundas and eleven kings of the Maula dynasty.

 

Tekst 29-31

Deze [eerste zes dynastieën] zullen duizendnegenennegentig jaar over de aarde heersen, en de elf Maula's zullen driehonderd jaar heersen, mijn beste. Met hen allen dood en verdwenen zullen in de stad Kilakilâ honderdenzes jaar lang de koningen Bhûtananda, gevolgd door Vangiri met daarna S'is'unandi en dan zijn broer Yas'onandi en Pravîraka heersen.

These Âbhîras, Gardabhîs and Kankas will enjoy the earth for 1,099 years, and the Maulas will rule for 300 years. When all of them have died off there will appear in the city of Kilakilâ a dynasty of kings consisting of Bhûtananda, Vangiri, S'is'unandi, S'is'unandi's brother Yas'onandi, and Pravîraka. These kings of Kilakilâ will hold sway for a total of 106 years.

 

Tekst 32-33

Van hen [de Kilakilâ's] zullen er dertien zoons zijn genaamd de Bâhlika's na wie Pushpamitra en vervolgens zijn zoon koning Durmitra zowel als ook zeven Andhra's, zeven Kaus'ala's en ook de heersers van Vidûra en de Nishadha's dan tegelijkertijd als koningen zeker van de heerschappij zullen zijn.

The Kilakilâs will be followed by their thirteen sons, the Bâhlikas, and after them King Pushpamitra, his son Durmitra, seven Andhras, seven Kaus'alas and also kings of the Vidûra and Nishadha provinces will separately rule in different parts of the world.

 

Tekst 34

Voor de provincie Mâgadha zal er Vis'vasphûrji zijn, die als een andere Purañjaya de mensen van alle klassen zal veranderen in inferieure Pulinda's, Yadu's en Madraka's [onbeschaafde mensen, mensen van een lager allooi, zie *4].

There will then appear a king of the Mâgadhas named Vis'vasphûrji, who will be like another Purañjaya. He will turn all the civilized classes into low-class, uncivilized men in the same category as the Pulindas, Yadus and Madrakas.

 

Tekst 35

De onintelligente koning, beschut in de stad Padmavatî van de bron van de Ganges tot aan Prayâga over de aarde heersend, zal, zich ten opzichte van de burgers overwegend gedragen in strijd met het brahmaanse, de almachtige klasse der kshatriya's te gronde richten.

Foolish King Vis'vasphûrji will maintain all the citizens in ungodliness and will use his power to completely disrupt the kshatriya order. From his capital of Padmavatî he will rule that part of the earth extending from the source of the Gangâ to Prayâga.

 

Tekst 36

De tweemaal geborenen levend in de provincies S'aurâshthra, Avantî, Âbhîra, S'ûra, Arbuda en Mâlava zullen [te dien tijde] van hun geloften vallen en zij die onder de mensen voorgaan zullen niet beter dan s'ûdra's worden.

At that time the brâhmanas of such provinces as S'aurâshthra, Avantî, Âbhîra, S'ûra, Arbuda and Mâlava will forget all their regulative principles, and the members of the royal order in these places will become no better than s'ûdras.

 

Tekst 37

De landen aan de rivier de Sindhu, zowel als de districten Candrabhâgâ, Kauntî en Kâs'mîra, zullen worden geregeerd door onbeschaafde lieden [mleccha's], s'ûdra's en anderen die, het ontbrekend aan geestkracht, afwijken van de standaard.

The land along the Sindhu River, as well as the districts of Candrabhâgâ, Kauntî and Kâs'mîra, will be ruled by s'ûdras, fallen brâhmanas and meat-eaters. Having given up the path of Vedic civilization, they will have lost all spiritual strength.

 

Tekst 38

O Koning, deze overwegend onwetende aardse zorgdragers die zich wijden aan goddeloze en onrealistische praktijken zullen, [wedijverend om te heersen] met een heetgebakerd gemoed tegelijkertijd [zonetijd...], hun burgers weinig ruimte gunnen [economisch].

There will be many such uncivilized kings ruling at the same time, O King Parîkshit, and they will all be uncharitable, possessed of fierce tempers, and great devotees of irreligion and falsity.

 

Tekst 39

Met het vernietigen van de levens van vrouwen, kinderen, koeien en bekeerde mensen, hebben ze, met het begeren van andermans vrouwen, opgetogen, gematigd en [dan weer] terneergeslagen, zwak in de goedheid hoofdzakelijk maar korte levens te leven [of loopbanen]. Tekort schietend in het brengen van offers en zo niet geschikt zijnde voor het werk zullen zij, deze onnozelaars die zich voordoen als koningen, overschaduwd door hartstocht en onwetendheid, de burgers als het ware verslinden.

These barbarians in the guise of kings will devour the citizenry, murdering innocent women, children, cows and brâhmanas and coveting the wives and property of other men. They will be erratic in their moods, have little strength of character and be very short-lived. Indeed, not purified by any Vedic rituals and lacking in the practice of regulative principles, they will be completely covered by the modes of passion and ignorance.

 

Tekst 40

De mensen in de steden zullen, met het karakter en de manier van spreken en handelen van deze heersers, geplaagd door de 'koningen' en door elkaar, de vernietiging vinden [in oorlogen, economische rampspoed en natuurrampen, zie ook kles'a, Kali-yuga en B.G. 16: 6-12].

The citizens governed by these low-class kings will imitate the character, behavior and speech of their rulers. Harassed by their leaders and by each other, they will all suffer ruination.

 

* De paramparâ van ISKCON liet deze eerste regel van de vragenstellende Parîkchit weg, waar andere bronnen zoals S'astri C.L. Gosvâmî dit hoofdstuk er wel mee beginnen.

** De paramparâ voegt toe: 'De grote historische vertelling het S'rîmad-Bhâgavatam, welke begint met de gebeurtenissen voorafgaande aan de kosmische manifestatie, strekt zich nu uit tot in het domein van de moderne geschreven geschiedenis. Moderne geschiedkundigen erkennen zowel de Maurya dynastie als Candragupta, de koning vermeld in het volgende vers.' [pp. 12.1.11]

*** Volgens een academische vertaler van het Bhâgavatam, Ganesh Vasudeo Tagare [1989, Morilal Banarsidass], zou deze periode in de geschiedenis zich afspelen kort voor de aanvang van de christelijke jaartelling. Met het analyseren van deze tekst met betrekking tot historische bronnen concludeert hij eveneens, stellend dat er vele discrepanties zijn met de culturele [gemanipuleerde?] verslagen, dat historisch gezien de Kânva-dynastie slechts voor vijfenveertig jaar zou hebben geheerst van 75 tot 30 B.C., en niet voor de driehonderdvijfenveertig jaar zoals de Sanskriet tekst hier stelt. Volgens hem zou dit deel van het Bhâgavatam van een latere datum zijn en bestaan uit een allegaartje van historische kennis uit de tweede hand, hetgeen een stellingname is aangevochten door de paramparâ natuurlijk, daar het waarschijnlijker is dat men zich vergist in de strijdigheid van het wereldse belang dan in de harmonie van het bewustzijn gemotiveerd door een spirituele discipline.

*4: De totale tijdspanne van de generaties die hier behandeld zijn van de eerste Purañjaya af aan tot aan de laatste in de lijn van het verval van Kali-yuga, zou zich zo hebben uitgestrekt van ongeveer 2000 v. Chr. tot ongeveer de twaalfde eeuw n. Chr.

 

 

 

 

 

 

Voor deze vertaling werd de Vedabase van de BBT gebruikt die het werk van Svâmi Prabhupâda's
leerlingen biedt dat werd verricht voor het voltooien van zijn vertaling van het Bhâgavatam.

Zie de S'rîmad Bhâgavatam linkspagina
voor de Vedabase en/of een download van dit boek en andere boeken van Prabhupâda.
Productie: de
Filognostische Associatie van De Orde van de Tijd  


 

 

Feed-back | Links | Downloads | MuziekAfbeeldingen | Wat is er Nieuw? | Zoeken | Donaties