regelbalk


 

Canto 10

S'rî S'rî Gurv-ashthaka

 
 

Hoofdstuk 5: Krishna's Geboorteplechtigheid en de Ontmoeting van Nanda Mahârâja en Vasudeva

(1-2) S'rî S'uka zei: 'Nanda dolblij dat er een zoon was geboren, nodigde grootmoedig de geschoolden thuis in de Veda uit, reinigde zichzelf middels een bad en kleedde zich netjes aan. Om de geboorte te vieren [in jâtakarma*] liet hij de mantra's chanten en voorzag hij eveneens in de eredienst van de voorvaderen en de halfgoden zoals dat was voorgeschreven. (3) Aan de brahmanen schonk hij in liefdadigheid talloze volledig opgesierde melkkoeien en zeven bergen sesamzaad, bezaaid met juwelen en met goud bestikte stof. (4) Door de tijd, door te baden, door zuiveringsrituelen, door verzaking en door aanbidding raakt in liefdadigheid en tevredenheid al wat men heeft gezuiverd, maar de ziel raakt gezuiverd door zelfrealisatie. (5) Onder het voortdurend weerklinken van bherî's en dundubhi's [trommels] bedienden de geleerden, de verhalenvertellers, de reciteerders en de zangers zich van woorden die alles en iedereen zuiverden. (6) Heel Vraja werd schoongemaakt; alle doorgangen, binnenplaatsen en binnenkamers werden schoongewassen en een keur aan slingers en vlaggen sierden erebogen van bloemslingers, stukken stof en mangobladeren. (7) De koeien, stieren en kalveren werden ingesmeerd met turmeric-olie en versierd met grondkleuren, pauwenveren, stoffen, gouden sierselen en bloemen. (8) O Koning, de koeherders [de gopa's] die zich verzamelden waren uitgedost met de meest kostbare ornamenten en kledingstukken als overjassen en tulbanden en brachten allerlei gaven met zich mee. (9) De koeherdersvrouwen [de gopî's] waren eveneens blij te horen dat moeder Yas'odâ het leven had geschonken aan een jongen en toonden zich op hun best verschijnend in feestelijke kleding met hun ogen opgemaakt en juwelen om en dergelijke. (10) Met hun allerprachtigste lotusgezichten en sieraden, saffraan en verse kunkum, haastten ze zich met deinende boezems en heupen derwaarts met offergaven in hun handen. (11) De gopî's droegen prachtige oorbellen met edelstenen, hadden kettingen van gouden munten om hun nek en hadden hun kledingstukken fraai bestikt terwijl op weg naar het huis van Nanda een regen van bloemen naar beneden kwam van hun slingers; met de kledij en hun slingerende armbanden, oorhangers, borsten en bloemenslingers waren ze een lust voor het oog. (12) Allen spraken langdurig zegeningen uit voor de pasgeborene zoals 'pâhi' ['weest beschermd'] en besprenkelden met gebeden de Ongeboren Heer met turmeric-olie. (13) Met de komst in Nanda's koeiengemeenschap van Krishna, de Onbegrensde Beheerser van het Ganse Universum, weerklonk een verscheidenheid aan muziekinstrumenten in één groot feest. (14) Zich vermakend gooiden de gopa's yoghurt, melk en karnemelk naar elkaar en smeerden ze elkaar in met de boter. (15-16) Hen zowel als de verhalenvertellers, de reciteerders en de zangers en allen die met hun scholing de kost verdienden het ruimste hart toedragend was, om zijn kind de beste vooruitzichten te bieden, die nobele ziel, Nanda, met de bedoeling Heer Vishnu te behagen van eerbetoon met wat ze ook maar konden gebruiken of zich konden wensen aan kleding, sierselen en koeien [zie ook 7.14: 17]. (17) De hoogst fortuinlijke Rohinî [de moeder van Baladeva die zich daar schuilhield, zie 10.2: 7] was het ook naar de zin gemaakt door de beschermer die Nanda was; ze was druk in de weer prachtig met haar kleding, bloemenslinger en de opsmuk van een halsketting. (18) O Koning, van die tijd af aan ontstond in het koeiengebied van Nanda de grootste weelde met alle rijkdom daar het, als de plaats waar de Heer zich ophield, door Zijn bovenzinnelijke kwaliteiten de plaats was geworden voor het spel en vermaak van Ramâ [de Godin van het geluk, zie 8.8: 8].

(19) Nanda, nadat hij de bescherming over Gokula [het koeiendorp] had overgedragen aan de koeherders, ging naar Mathurâ om van zijn winst zijn jaarlijkse belasting af te dragen aan Kamsa, o beste van de Kuru-dynastie. (20) Vasudeva, toen hij hoorde dat zijn [jongere stief-]broer Nanda [**] was vertrokken - naar verluid om de koning de eer te bewijzen - begaf hij zich naar waar hij verbleef. (21) Hem [Vasudeva] zo opeens voor zich ziend stond hij verheugd op alsof zijn lichaam een nieuw leven had gevonden en overmand door liefde en genegenheid omarmde hij zijn dierbare vriend. (22) Met alle eerbetoon verwelkomd, naar zijn gezondheid gevraagd en met een zitplaats bedacht vroeg hij [Vasudeva], gehecht als hij was, naar zijn eigen twee zoons het volgende zeggend, o heerser over de wereld. (23) 'Beste broeder Nanda, welk een geluk is je ten deel gevallen nu het zich heeft voorgedaan dat je de zoon hebt gekregen waar je, op leeftijd zijnde en er geen hebbend, zo wanhopig naar uitzag. (24) En wat een geluk ook om jou vandaag hier te treffen, het is als een wedergeboorte; hoe lastig is het niet om, ookal verblijft men in deze wereld van geboorte en dood, je dierbaren weer opnieuw te treffen! (25) Zoals dingen drijvend in een rivier worden meegevoerd door de kracht van de golven houden wij, met de nauwe band die we hebben, ons niet op één en dezelfde plaats op met het uiteenlopen van onze karmische wegen. (26) Gaat alles goed met de koeienzaken, is er genoeg water, gras, planten en dat alles in het grote bos waar je nu leeft met je vrienden? (27) O broeder, beschouwt mijn zoon, met Zijn moeder bij jou in huis levend, je als Zijn vader en is Hij een lieve jongen onder jullie beider zorg? (28) De drie voorgeschreven levensdoelen van een persoon [van geregelde lusten, financiën en rituelen] vinden hun betekenis en werking in het samenzijn, maar dat is niet zo als dat samenzijn moeilijk is geworden, dan verliezen ze hun zeggingskracht.'

(29) S'rî Nanda zei: 'Hoe spijtig is het dat de vele zoons die je had met Devakî door Kamsa ter dood werden gebracht en dat ook die ene die overbleef, de jongste, een dochter, naar de hemel is vertrokken. (30) Door de Ongeziene inderdaad vindt alles zijn vervulling, de Ongeziene vormt het uiteindelijke voor iedereen die leeft; die lotsbestemming is iemands uiteindelijke waarheid en hij die dat weet zal niet verbijsterd raken.' 

(31) S'rî Vasudeva zei: 'Nu dat je de koning zijn jaarlijkse penningen hebt betaald en wij elkaar getroffen hebben, zouden we beiden hier niet nog langer moeten blijven, er zou zich iets kunnen hebben voorgedaan in Gokula!'

(32) S'rî S'uka zei: 'Met dat advies afscheid nemend spanden Nanda en zijn metgezellen hun ossen voor hun ossenwagens en vertrokken ze naar Gokula.'

 

 

next        

 
 

Tweede editie, geladen 7 maart 2008

 

 

 

 

Voorgaande Aadhar-editie en Vedabase links:

 

Tekst 1-2

S'rî S'uka zei: 'Nanda dolblij dat er een zoon was geboren, nodigde grootmoedig de geschoolden thuis in de Veda uit, reinigde zichzelf middels een bad en kleedde zich netjes aan. Om de geboorte te vieren [in jâtakarma*] liet hij de mantra's chanten en voorzag hij eveneens in de eredienst van de voorvaderen en de halfgoden zoals dat was voorgeschreven. 

=S'rî S'uka zei: 'Nanda dolblij dat er een zoon was geboren, nodigde grootmoedig de geschoolden thuis in de Veda uit, reinigde zichzelf middels een bad en kleedde zich netjes aan. Om de geboorte te vieren [in jâtakarma*] liet hij de mantra's chanten en voorzag hij eveneens in de eredienst van de voorvaderen en de halfgoden zoals dat was voorgeschreven. (Vedabase)

  

Tekst 3

Aan de brahmanen schonk hij in liefdadigheid talloze volledig opgesierde melkkoeien en zeven bergen sesamzaad, bezaaid met juwelen en met goud bestikte stof.

Aan de brahmanen schonk hij in liefdadigheid talloze volledig opgesierde melkkoeien en zeven bergen sesamzaad, bezaaid met juwelen en met goud bestikte stof. (Vedabase)

 

Tekst 4

Door de tijd, door te baden, door zuiveringsrituelen, door verzaking en door aanbidding raakt in liefdadigheid en tevredenheid al wat men heeft gezuiverd, maar de ziel raakt gezuiverd door zelfrealisatie. 

Door de tijd, door te baden, door zuiveringsrituelen, door verzaking en door aanbidding raakt in liefdadigheid en tevredenheid al wat men heeft gezuiverd, maar de ziel raakt gezuiverd door zelfrealisatie. (Vedabase)

 

Tekst 5

Onder het voortdurend weerklinken van bherî's en dundubhi's [trommels] bedienden de geleerden, de verhalenvertellers, de reciteerders en de zangers zich van woorden die alles en iedereen zuiverden.

Onder het voortdurend weerklinken van bherî's en dundubhi's [trommels] bedienden de geleerden, de verhalenvertellers, de reciteerders en de zangers zich van woorden die alles en iedereen zuiverden. (Vedabase)

 

Tekst 6

Heel Vraja werd schoongemaakt; alle doorgangen, binnenplaatsen en binnenkamers werden schoongewassen en een keur aan slingers en vlaggen sierden erebogen van bloemslingers, stukken stof en mangobladeren.

Heel Vraja werd schoongemaakt; alle doorgangen, binnenplaatsen en binnenkamers werden schoongewassen en een keur aan slingers en vlaggen sierden erebogen van bloemslingers, stukken stof en mangobladeren. (Vedabase)

 

Tekst 7

De koeien, stieren en kalveren werden ingesmeerd met turmeric-olie en versierd met grondkleuren, pauwenveren, stoffen, gouden sierselen en bloemen.

De koeien, stieren en kalveren werden ingesmeerd met turmerik-olie en versierd met grondkleuren, pauwenveren, stoffen, gouden sierselen en bloemen. (Vedabase)

  

Tekst 8

O Koning, de koeherders [de gopa's] die zich verzamelden waren uitgedost met de meest kostbare ornamenten en kledingstukken als overjassen en tulbanden en brachten allerlei gaven met zich mee.

O Koning, de koeherders [de gopa's] die zich verzamelden waren uitgedost met de meest kostbare ornamenten en kledingstukken als overjassen en tulbanden en brachten allerlei gaven met zich mee.  (Vedabase)

    

Tekst 9

De koeherdersvrouwen [de gopî's] waren eveneens blij te horen dat moeder Yas'odâ het leven had geschonken aan een jongen en toonden zich op hun best verschijnend in feestelijke kleding met hun ogen opgemaakt en juwelen om en dergelijke.

De koeherdersvrouwen [de gopî's] waren eveneens blij te horen dat moeder Yas'odâ het leven had geschonken aan een jongen en toonden zich op hun best verschijnend in feestelijke kleding met hun ogen opgemaakt en juwelen om en dergelijke.  (Vedabase)

 

Tekst 10

Met hun allerprachtigste lotusgezichten en sieraden, saffraan en verse kunkum, haastten ze zich met deinende boezems en heupen derwaarts met offergaven in hun handen.

Met hun allerprachtigste lotusgezichten en sieraden, saffraan en verse kunkum, haastten ze zich met deinende boezems en heupen derwaarts met offergaven in hun handen. (Vedabase)

 

Tekst 11

De gopî's droegen prachtige oorbellen met edelstenen, hadden kettingen van gouden munten om hun nek en hadden hun kledingstukken fraai bestikt terwijl op weg naar het huis van Nanda een regen van bloemen naar beneden kwam van hun slingers; met de kledij en hun slingerende armbanden, oorhangers, borsten en bloemenslingers waren ze een lust voor het oog.

De gopî's droegen prachtige oorbellen met edelstenen, hadden kettingen van gouden munten om hun nek en hadden hun kledingstukken fraai bestikt terwijl op weg naar het huis van Nanda een regen van bloemen naar beneden kwam van hun slingers; met de kledij en hun slingerende armbanden, oorhangers, borsten en bloemenslingers waren ze een lust voor het oog. (Vedabase)

 

Tekst 12

Allen spraken langdurig zegeningen uit voor de pasgeborene zoals 'pâhi' ['weest beschermd'] en besprenkelden met gebeden de Ongeboren Heer met turmeric-olie.

Allen spraken langdurig zegeningen uit voor de pasgeborene zoals 'pâhi' ['weest beschermd'] en besprenkelden met gebeden de Ongeboren Heer met turmerik-olie. (Vedabase)

 

Tekst 13

Met de komst in Nanda's koeiengemeenschap van Krishna, de Onbegrensde Beheerser van het Ganse Universum, weerklonk een verscheidenheid aan muziekinstrumenten in één groot feest.

Met de komst in Nanda's koeiengemeenschap van Krishna, de Onbegrensde Beheerser van het Ganse Universum, weerklonk een verscheidenheid aan muziekinstrumenten in één groot feest. (Vedabase)

 

Tekst 14

Zich vermakend gooiden de gopa's yoghurt, melk en karnemelk naar elkaar en smeerden ze elkaar in met de boter. 

Zich vermakend gooiden de gopa's yoghurt, melk en karnemelk naar elkaar en smeerden ze elkaar in met de boter. (Vedabase)

 

Tekst 15-16

Hen zowel als de verhalenvertellers, de reciteerders en de zangers en allen die met hun scholing de kost verdienden het ruimste hart toedragend was, om zijn kind de beste vooruitzichten te bieden, die nobele ziel, Nanda, met de bedoeling Heer Vishnu te behagen van eerbetoon met wat ze ook maar konden gebruiken of zich konden wensen aan kleding, sierselen en koeien [zie ook 7.14: 17].

Hen zowel als de verhalenvertellers, de reciteerders en de zangers en allen die met hun scholing de kost verdienden het ruimste hart toedragend was, om zijn kind de beste vooruitzichten te bieden, die nobele ziel, Nanda, met de bedoeling Heer Vishnu te behagen van eerbetoon met wat ze ook maar konden gebruiken of zich konden wensen aan kleding, sierselen en koeien [zie ook 7.14: 17].  (Vedabase)

 

Tekst 17

De hoogst fortuinlijke Rohinî [de moeder van Baladeva die zich daar schuilhield, zie 10.2: 7] was het ook naar de zin gemaakt door de beschermer die Nanda was; ze was druk in de weer prachtig met haar kleding, bloemenslinger en de opsmuk van een halsketting.

De hoogst fortuinlijke Rohinî [de moeder van Baladeva die zich daar schuil hield, zie 10.2: 7] was het ook naar de zin gemaakt door de beschermer die Nanda was; ze was druk in de weer prachtig met haar kleding, bloemenslinger en de opsmuk van een halsketting. (Vedabase)

 

Tekst 18

O Koning, van die tijd af aan ontstond in het koeiengebied van Nanda de grootste weelde met alle rijkdom daar het, als de plaats waar de Heer zich ophield, door Zijn bovenzinnelijke kwaliteiten de plaats was geworden voor het spel en vermaak van Ramâ [de Godin van het geluk, zie 8.8: 8].

O Koning, van die tijd af aan ontstond in het koeiengebied van Nanda de grootste weelde met alle rijkdom daar het, als de plaats waar de Heer zich ophield, door Zijn bovenzinnelijke kwaliteiten de plaats was geworden voor het spel en vermaak van Ramâ [de Godin van het geluk, zie 8.8: 8]. (Vedabase)

 

Tekst 19

Nanda, nadat hij de bescherming over Gokula [het koeiendorp] had overgedragen aan de koeherders, ging naar Mathurâ om van zijn winst zijn jaarlijkse belasting af te dragen aan Kamsa, o beste van de Kuru-dynastie.

Nanda, nadat hij de bescherming over Gokula [het koeiendorp] had overgedragen aan de koeherders, ging naar Mathurâ om van zijn winst zijn jaarlijkse belasting af te dragen aan Kamsa, o beste van de Kuru-dynastie. (Vedabase)

 

Tekst 20

Vasudeva, toen hij hoorde dat zijn [jongere stief-]broer Nanda [**] was vertrokken - naar verluid om de koning de eer te bewijzen - begaf hij zich naar waar hij verbleef. 

Vasudeva, toen hij hoorde dat zijn [jongere stief-]broer Nanda [**] was vertrokken, naar verluid om de koning de eer te bewijzen, begaf zich naar waar hij verbleef. (Vedabase)

 

Tekst 21

Hem [Vasudeva] zo opeens voor zich ziend stond hij verheugd op alsof zijn lichaam een nieuw leven had gevonden en overmand door liefde en genegenheid omarmde hij zijn dierbare vriend.

Hem [Vasudeva] zo opeens voor zich ziend stond hij verheugd op alsof zijn lichaam een nieuw leven had gevonden en overmand door liefde en genegenheid omarmde hij zijn dierbare vriend. (Vedabase)

 

Tekst 22

Met alle eerbetoon verwelkomd, naar zijn gezondheid gevraagd en met een zitplaats bedacht vroeg hij [Vasudeva], gehecht als hij was, naar zijn eigen twee zoons het volgende zeggend, o heerser over de wereld.

Met alle eerbetoon verwelkomd, naar zijn gezondheid gevraagd en met een zitplaats bedacht deed hij [Vasudeva], zo zeer gehecht, navraag naar zijn eigen twee zoons het volgende zeggend, o heerser over de wereld. (Vedabase)

  

Tekst 23

'Beste broeder Nanda, welk een geluk is je ten deel gevallen nu het zich heeft voorgedaan dat je de zoon hebt gekregen waar je, op leeftijd zijnde en er geen hebbend, zo wanhopig naar uitzag.

'Beste broeder Nanda, welk een geluk is je ten deel gevallen nu het zich heeft voorgedaan dat je de zoon hebt gekregen waarnaar je, zo op leeftijd, wanhopig uitzag er geen hebbend. (Vedabase)

 

Tekst 24

En wat een geluk ook om jou vandaag hier te treffen, het is als een wedergeboorte; hoe lastig is het niet om, ookal verblijft men in deze wereld van geboorte en dood, je dierbaren weer opnieuw te treffen!

En wat een geluk ook om jou vandaag hier te treffen, het is als een wedergeboorte; hoe lastig is het niet om ondanks je rondgang in deze wereld van geboorte en dood je dierbaren weer opnieuw te treffen! (Vedabase)

 

Tekst 25

Zoals dingen drijvend in een rivier worden meegevoerd door de kracht van de golven houden wij, met de nauwe band die we hebben, ons niet op één en dezelfde plaats op met het uiteenlopen van onze karmische wegen. 

Zoals dingen drijvend in een rivier worden meegevoerd door de kracht van de golven blijven wij, intiem samenlevend, niet op één plaats met het uiteenlopen van onze karmische wegen. (Vedabase)

 

Tekst 26

Gaat alles goed met de koeienzaken, is er genoeg water, gras, planten en dat alles in het grote bos waar je nu leeft met je vrienden?

Gaat alles goed met de koeienzaken, is er genoeg water, gras, planten en dat alles in het grote bos waar je nu leeft met je vrienden? (Vedabase)

 

Tekst 27

O broeder, beschouwt mijn zoon, met Zijn moeder bij jou in huis levend, je als Zijn vader en is Hij een lieve jongen onder jullie beider zorg?

O broeder, beschouwt mijn zoon, met Zijn moeder bij jou in huis levend, je als Zijn vader en is Hij een lieve jongen onder jullie beider zorg? (Vedabase)

 

Tekst 28

De drie voorgeschreven levensdoelen van een persoon [van geregelde lusten, financiën en rituelen] vinden hun betekenis en werking in het samenzijn, maar dat is niet zo als dat samenzijn moeilijk is geworden, dan verliezen ze hun zeggingskracht.'

De drie voorgeschreven levensdoelen van een persoon [van geregelde lusten, financiën en rituelen] genieten hun gezag in het samen zijn, maar dat is niet het geval als dat samenzijn moeilijk is geworden, dan verliezen ze hun betekenis.' (Vedabase)

 

Tekst 29

S'rî Nanda zei: 'Hoe spijtig is het dat de vele zoons die je had met Devakî door Kamsa ter dood werden gebracht en dat ook die ene die overbleef, de jongste, een dochter, naar de hemel is vertrokken. 

S'rî Nanda zei: 'Hoe spijtig is het dat de vele zoons die je had met Devakî door Kamsa ter dood werden gebracht en dat ook die ene die overbleef, de jongste, een dochter, naar de hemel is vertrokken. (Vedabase)

 

Tekst 30

Door de Ongeziene inderdaad vindt alles zijn vervulling, de Ongeziene vormt het uiteindelijke voor iedereen die leeft; die lotsbestemming is iemands uiteindelijke waarheid en hij die dat weet zal niet verbijsterd raken.' 

Door de Ongeziene inderdaad komen dingen aan hun einde, de Ongeziene vormt het uiteindelijke voor iedereen die leeft; die lotsbestemming is iemands uiteindelijke waarheid en hij die dat weet zal niet verbijsterd raken.' (Vedabase)

 

 Tekst 31

S'rî Vasudeva zei: 'Nu dat je de koning zijn jaarlijkse penningen hebt betaald en wij elkaar getroffen hebben, zouden we beiden hier niet nog langer moeten blijven, er zou zich iets kunnen hebben voorgedaan in Gokula!'

S'rî Vasudeva zei: 'Nu dat je de koning zijn jaarlijkse penningen hebt betaald en wij elkaar getroffen hebben, zouden we beiden hier niet nog langer moeten blijven, er zou zich iets kunnen hebben voorgedaan in Gokula!' (Vedabase)

 

Tekst 32

S'rî S'uka zei: 'Met dat advies afscheid nemend spanden Nanda en zijn metgezellen hun ossen voor hun ossenwagens en vertrokken ze naar Gokula.'

S'rî S'uka zei: 'Met dat advies afscheid nemend spande Nanda en zijn metgezellen hun ossen voor hun ossenwagens en vertrokken ze naar Gokula.' (Vedabase)

 

* De jâtakarma geboorteplechtigheid, welke plaats kan vinden zo gauw de navelstreng, waarmee het kind aan de placenta vast zit, is doorgesneden, bestaat er uit dat de tong van de nieuwgeborene driemaal met ghee wordt aangestipt voorafgegaan door inleidende gebeden. De geboorteceremonie van Krishna wordt ook wel Nandotsava genoemd.  De dag dat jaarlijks Zijn geboorte wordt gevierd wordt Janmâshthamî genoemd [de achtste dag van de maand Bhâdra of S'râvana (Augustus-September)]

** De paramparâ verduidelijkt: 'Vasudeva en Nanda Mahârâja waren dermate nauw verbonden dat ze leefden als broers. Verder, leren we van de notities van S'rîpâda Madhvâcârya dat Vasudeva en Nanda Mahârâja stiefbroers waren. Vasudeva's vader, S'ûrasena, trouwde met een vais'ya meisje, en uit haar nam Nanda Mahârâja zijn geboorte. Later, trouwde Nanda Mahârâja zelf met een vais'ya meisje, Yas'odâ. Daarom wordt deze familie gerespecteert als een vais'ya familie, en nam Krishna, Zich identificerend als hun zoon, de zorg op zich voor vais'ya zaken (krishi-go-rakshya-vânijyam, B.G. 18: 44)'.

 

 

 

 

 

Voor deze vertaling werd het enige deel dat Svâmi Prabhupâda van het tiende Canto schreef gebruikt.
Zie de S'rîmad Bhâgavatam linkspagina.
voor een download van dit boek en andere boeken van Prabhupâda.
Het eerste schilderij is getiteld:'Yashoda bathing the child Krishna', Bhagavata Purana Manuscript,
The Yorck Project: 10.000 Meisterwerke der Malerei.
Source.
Het tweede schilderij is getiteld: "Rao Ram Singh I of Kota Plays Nanda".
Possibly a page from a dispersed series of the Bhagavata Purana (Story of the Lord Vishnu)
Made in Kota c. 1700., Rajasthan, India. Source:
Philadelphia Museum of Art.
Productie: de
Filognostische Associatie van De Orde van de Tijd.

 

 

Feed-back | Links | Downloads | MuziekAfbeeldingen | Wat is er Nieuw? | Zoeken | Donaties