Hoofdstuk
15
Koning
Prithu's Verschijnen en Kroning

(13) Hij werd zo tot
Mahârâja gekroond; verfijnd gekleed en
volledig opgesierd zag hij er tezamen met zijn met
juwelen behangen echtgenote Arci uit als een vuur zonder
weerga.

Hoofdstuk
16
Koning
Prithu Geprezen

(2) 'We zijn niet in
staat ten volle de heerlijkheden van hem te beschrijven
die als de belangrijkste Godheid uit eigen genade
nederdaalde - en hoewel hij verscheen uit het lichaam van
Vena, verbijstert zijn glorie de geesten van de meest
vooraanstaande sprekers.

Hoofdstuk
17
Mahârâja
Prithu Wordt Kwaad op de Aarde

(1) Maitreya zei: 'De
zoon van koning Vena aldus in zijn kwaliteiten en
handelingen verheerlijkt als een gedaante van de
Allerhoogste Heer, behaagde diegenen die hadden gesproken
met gaven, zelf ook met alle respekt en gebed zijn offers
brengend.

(16) Ziend hoe de
koning haar achtervolgde met het heffen van zijn wapens,
rende ze willekeurig in alle vier de windrichtingen, her
en der in de ruimte tussen hemel en aarde
wegvluchtend.

Hoofdstuk
18
Mahârâja
Prithu Melkt de Aarde

(23-24) Het vee dat de
draagstier van Heer Shiva [Nandi] een kalf
leverde, molk in het vat der wildernis de melk uit van
groene grassen, voor de leeuw namen de andere beesten met
scherpe tanden, de roofdieren, het vlees tot zich van
andere levensvormen en naar het kalf voor Garuda namen de
vogels in de emmer van hun eigen lichaam de bewegende als
ook de niet bewegende levende wezens tot
zich.

Hoofdstuk
19
Koning
Prthu's Honderd Paard-offers

(21) Door Atri ertoe
aangezet hem te achtervolgen, had hij, kwaad geworden,
een pijl op zijn boog aangelegd, maar de zich op zichzelf
verlatende Indra die wederom het paard en zijn uitdossing
opgaf, hield zichzelf buiten schot.

Hoofdstuk
20:
Heer
Vishnu's Verschijnen in het Offerperk van
Mahârâja Prithu

(18) Koning Indra,
beschaamd over zijn eigen daden beroerde toen vol liefde
zijn voeten; hem omhelzend gaf hij [Prithu]
vanzelfsprekend zijn woede op.