Hoofdstuk
7:
Verdere
Vragen van Vidura.

(9) Maitreya zei:
'Te beweren dat men van de Allerhoogste Heer in staat van
illusie verkeert, dat van het eeuwig verloste van Zijn
Heerlijkheid er onvolkomenheid zou zijn of het idee van
gebondenheid, leidt tot een logische
tegenspraak.

Hoofdstuk
8:
Manifestatie
van Brahmâ uit Garbhodakasâyî
Vishnu.

(16) En in dat water
gezeten op de werveling van de lotus was [de
Brahmâ van] de wereld niet in staat te zien en
ging hij rond met spiedende ogen in de vier richtingen op
die manier tot zijn hoofden komend ['de vier hoofden'
van Brahmâ].

Hoofdstuk
9:
Brahmâ's
Gebeden voor het Creatief Vermogen.

(14)
Laat me U, die dit Allerhoogste bent die in het genieten
van het spel en vermaak inzake de kosmische schepping,
handhaving en vernietiging, voorzeker is onderscheiden
door de heerlijkheden van de eeuwige oorspronkelijke
gedaante, mijn eerbetuigingen brengen: alle glorie aan de
intelligentie van de zelfkennis naar Uw Transcendentie
van het illusoire begrip.

Hoofdstuk
10:
De
Afdelingen van de Schepping.

(8)
Binnengaand in die werveling van de lotus, in zijn
aktiviteiten aangemoedigd door de Opperheer, verdeelde
hij de ene in de drie werelden en kon hij er daar
veertien van in het leven roepen [zie ook
2.5.42].

Hoofdstuk
11:
De
Indeling van de Tijd Zich Uitbreidend Vanuit het
Atoom

(3)
En zodoende, kan in
relatie tot zowel de grove als de subtiele vormen, de
tijd worden afgemeten, mijn beste, aan de beweging van de
combinatie der atomen waarvan de Allerhoogste
ongemanifesteerde Heer de grote kracht is die alle
fysieke aktie beheerst.

Hoofdstuk
12
De
Schepping van de Kumâra's en Anderen

(7) Ondanks het door
meditatie te beheersen, kwam terstond van tussen de
wenkbrauwen van de oorspronkelijke vader zijn woede, een
kind ter wereld met een gemengde kleur van rood
[staande voor hartstocht] en blauw [staande
voor onwetendheid].