Hoofdstuk
7:
De
Zoon van Drona Gestraft

(55)
Sûta zei:
"Toen hij op dat moment inzag wat de motieven van de Heer
waren, scheidde hij met behulp van zijn zwaard het juweel
van het hoofd van de tweemaal geborene tezamen met zijn
haar.

Hoofdstuk
8:
Parîkchit
Gered en de Gebeden van Koningin
Kuntî

(17)
Gered van de
straling van het wapen, richtte de kuise Kuntî
samen met haar zoons, zich tot Heer Krishna die op het
punt stond te vertrekken.

Hoofdstuk
9:
Het
Heengaan van Bhîshmadeva in de Aanwezigheid van
Heer Krishna

(1)
Sûta zei: "In
angst vanwege het feit dat hij gedood had, ging
Yudhishthhira daarna, ter wille van het volledig besef
van de religieuze plicht, naar het slagveld, waar hij de
stervende Bhîshma neerliggend aantrof.

(37) Tegen Zijn eigen
waarheid in naar mijn eigen belofte het werkelijk te
doen, nam Hij, van Zijn strijdwagen komend, het wiel
ervan op, op me af stormend als een leeuw die van plan is
een olifant te doden, onderwijl Zijn bovenkleed vallen
latend.

Hoofdstuk
10:
Het
Vertrek van Heer Krishna naar
Dvârakâ

(34-36)Door
Kurujângala [de provincie van Delhi] en
Pâncâlâ [deel van Punjab] en
Sûrasenâ en Brahmâvarta [het
noorden van Uttar Pradesh] en de districten langs de
rivier de Yamunâ, kwam Hij langs Kurukshetra waar
de veldslag was uitgevochten en de provincie
Matsyâ, Sârasvatân [deel van
Punjab] en zo verder. Door het land der woestijnen
[Rajasthan] en het land waar nauwelijks water is
[Madhya Pradesh], en na het doortrekken van
Sauvîra [Saurastra] en Âbhîra
[deel van Gujarat], kwam Hij, o S'aunaka,
uiteindelijk aan in het westelijk deel van de provincie
van Dvârakâ met Zijn door de lange reis
lichtelijk vermoeid geraakte
paarden. (36) Op
verschillende plaatsen wilde het zo gebeuren dat de Heer
werd verwelkomd en Hem verschillende diensten werden
aangeboden als Hij in de avond, nadat de zon de
oostelijke hemel had doortrokken om onder te gaan waar de
oceaan is, was aangekomen."

Hoofdstuk
11:
De
Binnenkomst van Heer Krishna in
Dvârakâ

(27)
Gediend met een
witte parasol, waaiers en een straat bedekt door een
bloemenregen, zag de Heer, met zijn gele kledij en
bloemenslingers, eruit als een wolk omringd door de zon,
de maan, bliksemschichten en regenboog
tezamen.

Hoofdstuk
12:
De
Geboorte van Keizer Parîkchit

(7) Toen hij in de
baarmoeder van zijn moeder was, leed de grote strijder,
het kind Parîkchit, onder de hitte van het
bramâstra wapen, en kon hij, o zoon van Bhrigu, de
purusha [de oorspronkelijke persoon] zien als
iemand anders.
(19)
De brahmanen
antwoordden: 'O zoon van Prithâ
[Kuntî], hij zal de behouder zijn van allen
die geboren zijn, precies zoals Koning Ikshvâku,
zoon van Manu, en hij zal trouw zijn in zijn beloften en
respekt voor de geleerden zoals Râma, de zoon van
Das'aratha.